Stagediscriminatie komt in de praktijk een stuk vaker voor dan uit de meldingen bij het Meldpunt Stagediscriminatie blijkt. Dit zeggen mbo-scholen en studentenorganisatie JOB MBO in gesprek met NU.nl. De in november gelanceerde overheidscampagne #KIESMIJ, waarmee is geprobeerd om stagediscriminatie in het mbo bespreekbaar te maken, lijkt daar geen verandering in te hebben gebracht.

Het afgelopen schooljaar werd er maar 39 keer melding gemaakt van stagediscriminatie bij het Meldpunt Stagediscriminatie. Dat zijn negen meldingen meer dan in het jaar daarvoor. Dit terwijl de meerderheid van de scholen die NU.nl sprak ziet dat stagediscriminatie voorkomt.

Meerdere scholen zien bovendien dat studenten vaak geen melding maken bij het Meldpunt Stagediscriminatie. En ze vertellen het ook niet altijd op school. NU.nl sprak met tien mbo-scholen verdeeld over steden in heel Nederland over stagediscriminatie.

De campagne #KIESMIJ werd in november 2020 gelanceerd op initiatief van het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap. Op de website van de campagne wordt onder andere verwezen naar het Meldpunt Stagediscriminatie.

Melding onderdeel aanpak stagediscriminatie

Door een melding bij het Meldpunt Stagediscrimatie kan een bedrijf, als discriminatie wordt aangetoond, de erkenning als stageplek verliezen. Verschillende mbo-scholen, zoals het Rotterdamse Albeda College, zeggen dat het melden van stagediscriminatie op school of bij het Meldpunt een belangrijk onderdeel is van de aanpak van stagediscriminatie. "Als een student het zelf niet meldt, kan de opleiding er niets mee", aldus een woordvoerder.

Wetenschappelijk onderzoek bevestigt dat stagediscriminatie, in ieder geval in Utrecht, een probleem is. Mbo-studenten met een migratieachtergrond hebben daar een kleinere kans om te worden uitgenodigd op een stagesollicitatiegesprek. Het was al eerder bekend dat in Nederland mbo-studenten met een migratieachtergrond vaker zelf aangeven dat ze moeite hebben met het vinden van een stage dan studenten zonder migratieachtergrond.

Al sinds oprichting weinig meldingen bij Meldpunt Stagediscriminatie

Het Meldpunt Stagediscriminatie is in 2017 opgericht om stagediscriminatie bespreekbaar te maken en er wat tegen te doen. In het eerste jaar kwamen er slechts zeventien meldingen binnen. Daarna bleef het aantal meldingen klein; het afgelopen schooljaar waren het er dus 39.

Het Meldpunt Stagediscriminatie is onderdeel van het Samenwerkingsorganisatie Beroepsonderwijs Bedrijfsleven (SBB). Het SBB zorgt voor de erkenning van leerbedrijven. Met een erkenning van het SBB mag een bedrijf mbo-studenten stage laten komen lopen.

Hoe werkt het Meldpunt Stagediscriminatie? Als een student een melding bij het Meldpunt Stagediscriminatie doet, wordt eerst gekeken of er überhaupt iets met de melding gedaan kan worden. "Als dat het geval is plegen we hoor en wederhoor bij het leerbedrijf en kijken we wat er speelt, " aldus de woordvoerder van het SBB. In het uiterste geval kan het SBB de erkenning van het leerbedrijf intrekken.

Student heeft weinig aan melding bij Meldpunt

Sanne Reijnen, beleidsmedewerker van JOB MBO, zegt dat er tijdens de meldingsprocedure bij het SBB te weinig aandacht is voor de student. "Het melden kan alleen schriftelijk en er wordt alleen gekeken of er bewijs is en de erkenning van het leerbedrijf moet worden ingetrokken. Terwijl, als je net zoiets heftigs als discriminatie hebt meegemaakt, dan wil je ook dat er naar je verhaal wordt geluisterd en dat er wordt gekeken naar een oplossing waar jij iets aan hebt. Dat gebeurt nu niet. Waarom zou je als student dan melding maken?"

Het ROC Nijmegen wil toewerken naar een eigen meldpunt "waar studenten laagdrempelig, zonder de hele procedure van een officiële klacht, hun ervaringen kunnen delen". Ook in Rotterdam wordt er gekeken naar een alternatief meldpunt.

Reijnen benadrukt dat het bij de aanpak van stagediscriminatie in ieder geval belangrijk is dat het initiatief niet alleen bij de student ligt. "De boodschap kan niet zijn: als jij, als student, niets doet aan dit probleem, dan verandert er ook niets. De student kan er niets aan doen dat hij of zij gediscrimineerd wordt."