Een 39-jarige man uit Alkmaar is door de politierechter een voorwaardelijke gevangenisstraf van twee weken en een taakstraf van veertig uur opgelegd wegens het bedreigen van politicus Geert Wilders via Twitter. De straf is gelijk aan de eis van het Openbaar Ministerie (OM).

Volg dit onderwerp Ontvang meldingen bij belangrijk nieuws rond Geert Wilders

Volgens het OM zijn de tweets die de man in juni 2020 verstuurde van dien aard en onder zulke omstandigheden geuit, dat bij PVV-leider Wilders de redelijke vrees kon ontstaan dat hem echt wat zou worden aangedaan.

Met name een bericht met de hashtag #doodvoorWilders, dat de Alkmaarder naar het persoonlijke account van Wilders stuurde, wordt door het OM aangemerkt als "zeer bedreigend". Daarbij speelt volgens het OM mee dat de politicus constant wordt beveiligd.

De Twitter-berichten zijn verzonden via het account van de verdachte en bevatten onder meer de hashtags #doodvoorWilders, #KillWilders en #ShootWilders. Het Twitter-account is gekoppeld aan het e-mailadres dat de verdachte bij de Kamer van Koophandel heeft geregistreerd als contactadres voor zijn werkzaamheden als zzp'er. Hoewel de verdachte ontkent, is volgens het OM bewezen dat de verdachte deze tweets heeft gestuurd.

De officier van justitie noemt de vergrijpen van de Alkmaarder ernstig. "Zeker nu algemeen bekend is, ook bij verdachte, dat Geert Wilders al vele jaren doelwit is van bedreigingen en sindsdien zwaarbewaakt door het leven moet. Het is moeilijk voor te stellen hoe zwaar dat moet zijn. Door deze bedreiging wordt Geert Wilders opnieuw herinnerd aan het feit dat mensen het op zijn leven hebben gemunt."

Alkmaarder was niet aanwezig en had geen advocaat

De Alkmaarder was niet aanwezig bij de rechtszaak, laat het OM woensdag aan NU.nl weten. Dat is ook niet verplicht. Ook had hij geen advocaat.

Het OM weet zeker dat de verdachte de dagvaarding voor de zaak heeft ontvangen. Daardoor kon de politierechter toch uitspraak doen en de man bij verstek veroordelen. De Alkmaarder heeft veertien dagen de tijd om in beroep te gaan tegen de uitspraak.