Justitie heeft dinsdag bij de rechtbank in Breda 22 jaar cel en tbs met dwangverpleging geëist tegen Nicky S. (32) uit Bergen op Zoom. Die wordt verantwoordelijk gehouden voor het doden van de Belgische loodgieter Johan van der Heyden (56) en de gruwelijke manier waarop hij met enkele medeverdachten het lichaam liet verdwijnen.

De officier van justitie eiste twaalf en tien jaar cel tegen medeverdachten Wanda van R. (41) uit het Belgische Zoersel en Edna V. (41) uit Steenbergen voor de "weerzinwekkende" moord. Edna's dochter Cheyenne hoorde een eis van vijftien maanden, waarvan vijf voorwaardelijk.

Van der Heyden werd op 3 juni 2019 vermoord. Het lichaam werd bij de woonwagen van V. met een kettingzaag in stukken gezaagd. Vervolgens werden de delen in een grote ton met aanmaakhoutjes gestopt en in brand gezet. Die ton heeft dagenlang staan branden, vertelden de verdachten, die eromheen hadden geborreld.

Uiteindelijk heeft S., zo bekende hij, de resten in twee big shoppers gedaan en die in een speciekuip gelegd. Die is volgegoten met cement en na een paar dagen in het Schelde-Rijnkanaal gedumpt. Na een anonieme tip dook de politie de kuip een half jaar later op.

Plan om Van der Heyden te beroven liep uit de hand

In de ogen van justitie maakten S., Van R. en V. het plan Van der Heyden te beroven van zijn zwart geld.

Van der Heyden had sinds 2012 een buitenechtelijke relatie met sekswerker Van R. Hij betaalde de huur van haar woning in Zoersel, de energienota en een deel van de inrichting. Hij vertelde Van R. dat hij zijn zwart geld bewaarde achter de radiatoren in zijn woning.

Van R. was in 2019 echter verliefd geworden op S. en maakte met hem het plan Van der Heyden te lokken, hem met slaapmiddelen te drogeren en daarna in zijn woning het geld te stelen. Het zou volgens hen om tonnen gaan.

Het drogeren van Ven der Heyden lukte, maar ze vonden geen geld. Daarna liep alles uit de hand en werd Van der Heyden gedood. Volgens justitie gebeurde dat door een doorgesnoven S. die Van der Heyden in zijn eigen bestelbusje met zijn eigen gereedschap vreselijk mishandelde, in een poging de locatie van het geld te achterhalen. Kort erna overleed het slachtoffer. S. ontkent dit scenario. Hij beschuldigt Van R. ervan een dodelijke injectie te hebben gegeven met GBL, een stickerverwijderaar.

Hoewel S. volledig toerekeningsvatbaar werd geacht, eiste de officier wel tbs. Dat komt door zijn gewelddadige karakter, dat al voor vele eerdere veroordelingen zorgde. "Het is naïef te opperen dat als hij zonder behandeling vrijkomt, hij meteen zou stoppen met geweld."