Een van de mannen die verdacht worden van het voorbereiden van de moord op topcrimineel Naoufal F. in Berlijn in 2015 noemt het maandag in de rechtbank van Amsterdam "allemaal een spel". Volgens Cedric R. deed hij alsof hij de moord zou uitvoeren, alleen om het geld hiervoor te ontvangen.

Dat de liquidatieplannen er wel waren ontkent R. niet, maar hij was nooit van plan om er uitvoering aan te geven. De aanslag op de tot levenslang veroordeelde F. is er ook nooit van gekomen.

Volgens justitie vormde R. samen met medeverdachten Djurgen W. en Tony D. een moordcommando dat op bestelling geweldsklussen uitvoerde. Een daarvan was de vergismoord op Djordy Latumahina in oktober 2016.

Voor die moord op het onschuldige slachtoffer, dat werd aangezien voor een crimineel, zijn W. en R. tot respectievelijk 30 en 26 jaar cel veroordeeld. Onlangs trokken beide mannen hun hoger beroep tegen deze straf in. Dit geldt niet voor D., die volhoudt er niet bij betrokken te zijn geweest.

Motief voor moord zou wraak zijn

Maar waar het maandag over gaat, is de voorgenomen moord op F., de man die door justitie wordt beschouwd als onderdeel van een crimineel driemanschap samen met Ridouan T. en 'Rico de Chileen'. De mannen achter de moordplannen zouden Omar L. en Salim B. zijn. Het motief is wraak voor de vermeende betrokkenheid van 'Noffel' bij de dubbele liquidatie in de Amsterdamse Staatsliedenbuurt in 2012. Een van de slachtoffers is de broer van L.

In berichten toegeschreven aan Omar L. en Salim B. wordt gesproken over hoe belangrijk deze moord voor hen is. Er moeten dan ook professionals worden ingehuurd. Dat zou R. zijn. De 44-jarige man zegt in de rechtbank niets over wie zijn opdrachtgevers waren, maar wel dat hij iedereen ervan had overtuigd dat hij het plan zou uitvoeren.

Oscar-waardig, zo omschrijft R. het zelf. "Ik heb mijn eigen spel gewoon goed gedaan." Zijn medeverdachten W. en D. wisten niets van dat dubbelspel, voegde hij daaraan toe.

D. en R. ontkennen niet dat ze destijds in Berlijn waren, maar hun aanwezigheid betrof een drugsdeal waar ze verder niet over wilden uitweiden. D. hoorde het verhaal van R. met ongeloof aan. "Ik ben gewoon genaaid", liet hij de rechtbank weten. "Ik wist niets van dit dubbelspel."

Het OM liet duidelijk merken het verhaal R. opmerkelijk te vinden. Of het OM enige geloofwaardigheid ziet in dit verhaal, zal woensdag duidelijk worden als de strafeis wordt uitgesproken.