Studenten zijn de afgelopen jaren steeds vaker financieel afhankelijk geworden van hun ouders, mede als gevolg van de invoering van het leenstelsel. Dat stelt het Nibud op basis van een vierjarig onderzoek onder ruim vijftienhonderd studenten.

Ouders dragen door het leenstelsel steeds vaker financieel bij aan het leven van studenten. Zo kregen die de afgelopen vier jaar een hoger bedrag en bleven ze langer bij hun ouders wonen.

Van alle ondervraagde studenten krijgt ruim twee derde geld van de ouders. Het gaat dan om een bedrag van gemiddeld 211 euro per maand. In 2017 lag dat bedrag nog op 165 euro. Ook betalen ouders steeds vaker de verzekeringen en studiematerialen voor hun kinderen.

Hierin schuilt echter wel een risico op een toenemende kansenongelijkheid tussen studenten, waarschuwt de budgetvoorlichter. Vooral studenten met ouders met middeninkomens komen vaker in de knel doordat ouders niet altijd financieel kunnen bijdragen. Deze studenten moeten vervolgens extra lenen of meer werken.

Hierdoor beginnen zij volgens het Nibud met een financiële achterstand aan hun werkende leven. "Het stelsel gaat ervan uit dat ouders kunnen bijdragen, maar met een inkomen rond anderhalf keer modaal is dat nog heel lastig", zegt Nibud-directeur Arjan Vliegenthart. "Studenten met draagkrachtige ouders kunnen studeren zonder te hoeven lenen, anderen beginnen hun loopbaan met een financiële achterstand."

Wat is het leenstelsel?

  • Het leenstelsel werd in september 2015 ingevoerd onder aanvoering van toenmalig onderwijsminister Jet Bussemaker (PvdA). Studenten kunnen sindsdien tegen een lage rente geld lenen om hun studie te betalen. Het leenstelsel kwam in de plaats van de basisbeurs en het geld dat hiermee zou worden bespaard, zou worden geïnvesteerd in een betere kwaliteit van het hoger onderwijs. Die belofte is echter nooit nagekomen. De meeste partijen waren bij de laatste verkiezingen voor afschaffing van het leenstelsel.

Meeste studenten hebben studieschuld

Het leenstelsel kwam in 2015 in de plaats van de studiebeurs. Vanaf dat moment moesten hbo-studenten en universitaire studenten zelf gaan lenen om een studie te bekostigen.

Bijna twee op de drie studenten hebben inmiddels een studieschuld. Bijna de helft van hen heeft een schuld van meer dan 10.000 euro bij de Dienst Uitvoering Onderwijs (DUO).

Veel studenten maken zich volgens het Nibud zorgen over hun schuld, bijvoorbeeld over de gevolgen die die heeft met het oog op het kopen van een huis. Ook zijn ze de lening minder als een investering in de toekomst gaan zien dan vier jaar geleden.

VVD, PvdA, D66 en GroenLinks voerden in 2014 het leenstelsel in, om de basisbeurs te vervangen. Inmiddels heeft alleen de VVD het nog in haar verkiezingsprogramma staan, de andere partijen hebben hun handen ervanaf getrokken. In de kabinetsformatie zullen de betrokken partijen er een knoop over moeten doorhakken.