Dat de paling het zwaar heeft, is al jaren bekend. In Nederland heeft de bedreigde vis het echter wel erg moeilijk, blijkt uit een rapport van onderzoeksorganisatie RAVON. Ongeveer de helft van de Nederlandse wateren is onbereikbaar voor de paling.

Met 60.000 sluizen, stuwen en gemalen vormen de Nederlandse wateren een onuitvoerbare hindernisbaan voor de vis. Daarmee is Nederland voor de paling het minst toegankelijke land van Europa.

De paling is een trekvis, die zich na de geboorte in de Sargassozee bij Noord-Amerika verspreidt naar onder andere Nederlandse wateren. De stand van de paling in Nederland is al jaren slecht door de vele belemmeringen op zijn reis. Niet alleen sluizen en gemalen, maar ook bootschroeven vormen een gevaar voor de vis, die bovendien nog altijd als delicatesse wordt gezien.

Om de paling een handje te helpen, is in Nederland sinds 2009 het zogeheten Aalbeheerplan van kracht. Daardoor worden jonge aaltjes uit het buitenland hier uitgezet en zijn er passages aangelegd die vissen door moeten laten op hun reis.

Dat laatste is weinig effectief, stelt het rapport van RAVON. Drie kwart van de honderden vispassages werkt niet voor palingen. Als honderd palingen een route moeten afleggen met vier passages, dan komt er slechts één aan bij de eindbestemming.