De man die vorig jaar in het onderzoek naar het doodrijden van de veertienjarige Tamar uit Marken is opgepakt, krijgt een boete opgelegd. Volgens het Openbaar Ministerie (OM) is niet vast komen te staan dat de Duitse bestuurder "ernstige verkeersfouten kan worden verweten".

Tamar verliet in de nacht van 25 juli haar woning na een ruzie over bedtijd. De politie vond haar lichaam later in de berm van de Zeedijk tussen Marken en Monnickendam. Volgens het onderzoek was ze op slag dood.

"Het is vast komen te staan dat het meisje door de auto van verdachte is overreden en daardoor is komen te overlijden. Onduidelijk is gebleven hoe zij op de weg is terechtgekomen", licht het OM toe.

Volgens justitie is er geen bewijs dat de bestuurder "roekeloos of aanmerkelijk onvoorzichtig" heeft gereden. De Duitser reed ongeveer 60 kilometer per uur waar 80 kilometer per uur is toegestaan. Omdat er volgens het OM bovendien geen aanwijzingen zijn "dat de bestuurder geweten heeft, of heeft kunnen vermoeden, dat er sprake was van een ongeval", wordt hem niet verweten dat hij de plaats van het ongeval verlaten heeft.

Omdat de bestuurder ten tijde van het ongeluk op de navigatie van zijn telefoon keek, krijgt hij wel een boete opgelegd. Deze is met 1.500 euro hoger dan gebruikelijk vanwege de fatale afloop van het ongeval.

De politie kwam door onder meer camerabeelden de destijds 28-jarige bestuurder op het spoor. Hij werd in september opgepakt. De automobilist werd aanvankelijk wel verdacht van het verlaten van de plek van het ongeval, maar mocht het onderzoek in vrijheid afwachten.

Advocaat Sébas Diekstra staat de ouders van Tamar bij. Hij laat weten dat zijn cliënten woensdag op de hoogte zijn gesteld door de officier van justitie. "Wij zullen de komende tijd het strafdossier grondig bestuderen. Dit om na te gaan hoeveel aanleiding er is om verdere vervolging rondom deze doodrijding af te dwingen."