Universiteiten hebben structureel 800 miljoen euro per jaar nodig om de huidige kwaliteit van onderwijs en onderzoek weer op het gewenste niveau te krijgen. Daarnaast is een eenmalige investering van 300 miljoen euro nodig, berekende accountantskantoor PwC in opdracht van demissionair minister Ingrid van Engelshoven (Onderwijs).

Naar aanleiding van een rapport van de Onderwijsraad uit 2018, waarin werd geadviseerd de rijksbijdrage aan scholen (de lumpsum) onder de loep te nemen, vroeg Van Engelshoven onderzoeksbureaus om de financiering van het mbo, het hbo en het universitaire onderwijs te bekijken.

Van Engelshoven schrijft in een brief aan de Tweede Kamer dat uit die onderzoeken is gebleken dat het budget voor het mbo en hbo toereikend is om het onderwijs op het huidige niveau te houden. Wel zijn aanvullende investeringen nodig om het onderwijs op het gewenste niveau te krijgen.

Universiteiten hebben echter structureel 400 miljoen euro per jaar nodig om het onderwijs op het huidige niveau te houden, concludeerde PwC. Nog eens 400 miljoen euro per jaar en een eenmalige investering van 300 miljoen euro zouden volgens het onderzoeksbureau nodig zijn om het onderwijs op het gewenste niveau te krijgen.

De Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen (KNAW) is blij met de uitkomst. Nederland zou elk jaar 3 procent van de begroting moeten uitgeven aan onderzoek en innovatie, vindt de organisatie. Dat is nodig "om in Europa bij te blijven als competitieve kenniseconomie".

Volgens universiteitenkoepel VSNU kunnen universiteiten met het extra geld "het onderwijs kleinschalig organiseren, de werkdruk verlagen en meer ruimte maken voor ongebonden onderzoek".