Leerlingen gaan vaak naar middelbare scholen waar ze vooral kinderen met vergelijkbare achtergronden treffen, constateert het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) donderdag. De situatie kan volgens de organisatie uiteindelijk tot grotere afstanden tussen groepen in de samenleving leiden.

Door keuzes van schoolbesturen en ouders is er een gesegregeerd onderwijsaanbod ontstaan, waardoor kinderen met verschillende achtergronden allemaal naar hun 'eigen' school gaan. Kinderen leren hierdoor niet omgaan met andere groepen, waardoor een grotere afstand kan ontstaan tussen groepen in de samenleving, waarschuwt het SCP.

Het SCP benadrukt dat bredere sociale vaardigheden, waaronder interculturele vaardigheden, van toenemend belang zijn bij bijvoorbeeld het vinden van werk en het onderhouden van een sociaal en beroepsmatig netwerk. Die vaardigheden leer je volgens het instituut vanzelfsprekender in een meer gemengde omgeving.

Scholen spelen daar een grote rol in, doordat leerlingen daar met elkaar moeten leren leven in een complexe en diverse samenleving. "Die opdracht is niet eenvoudig en docenten zouden bij die taak beter toegerust kunnen worden. Docenten geven aan het soms moeilijk te vinden om gevoelig liggende thema's als islam of homoseksualiteit bespreekbaar te maken", zegt het SCP.

Meer sturing vanuit de overheid op het onderwijsaanbod om tegemoet te komen aan de maatschappelijke opgaven is wenselijk, vindt het SCP. Ook ouders zouden ervan doordrongen moeten zijn dat breder georganiseerd onderwijs kansen biedt. "Niet alleen voor de samenleving, maar ook voor de persoonlijke ontwikkeling van hun kind."

Vooral in de grote steden zijn de ontmoetingskansen tussen vwo'ers en vmbo'ers klein doordat leerlingen verspreid zijn over verschillende scholen, aldus het SCP.