Voor het gerechtshof van Den Haag wordt maandag opnieuw het hoger beroep behandeld tegen verdachte Souris R. voor zijn rol in de zaak uit 2003 die de Posbankmoord is gaan heten. Belangrijkste vraag is of zijn bekentenis tegenover undercoveragenten gebruikt mag worden als bewijs.

In mei 2016 wordt R. benaderd door undercoveragenten die zich voordoen als xtc-handelaren. Of hij voor een bedrag van 75.000 onder andere pillen wil inpakken en de loods in Brabant waar die drugs liggen opgeslagen kan bewaken. De berooide R. kan het geld goed gebruiken en stemt in.

Deze fictieve en door undercoveragenten gecreëerde situatie heeft alles te maken met de verdenking dat de dan 42-jarige R. betrokken is geweest bij de dood van Alex Wiegmink. Ruim dertien jaar eerder wordt deze huisschilder doodgeschoten na een rondje hardlopen in het Gelderse natuurgebied de Posbank.

De zaak belandt bij gebrek aan aanwijzingen op de plank, maar wordt in 2015 weer opgepakt door een coldcaseteam. Vanwege het belang van de zaak besluit een officier van justitie een jaar later tot het inzetten van een omstreden opsporingstactiek: de Mr. Big-methode. Een benaming die uit Canada afkomstig is.

Doel is om het vertrouwen van een verdachte te winnen en hem op die manier een bekentenis te ontlokken. De methode is omstreden, omdat het de vraag is in hoeverre zo'n bekentenis uit vrije wil wordt afgelegd en wat de bewijskracht ervan is.

R. denkt met harde criminelen te maken te hebben

In het geval van R. wordt er in mei 2016 een situatie gecreëerd waarbij hij denkt onderdeel te zijn van groep xtc-handelaren die op het punt staat een partij pillen te verkopen. Slaagt de deal, dan krijgt de man uit het Noord-Brabantse Veghel zijn geld.

In de opvolgende maanden komt R. erachter met wat voor een organisatie hij te maken heeft: eentje die wordt gerund door geharde criminelen. Hij ziet hoe een van hen gewapend een conflict met woonwagenbewoners gaat beslechten en moet een auto schoonmaken om kruitsporen en bloed te verwijderen. Weer een ander voertuig, dat onder het bloed zit na een steekpartij, wordt in brand gestoken. Wat R. niet weet, is dat alles in scène is gezet door undercoveragenten.

Dan krijgt R. in november van hen te horen dat er een probleem is ontstaan: een corrupt contact bij de politie heeft laten weten dat de man wordt gezocht voor de moord op Wiegmink.

Zo vlak voor de levering van de pillen vormt R. een gevaar voor de hele operatie. Als hij niks met de moord te maken had, kan hij beter vertrekken, krijgt hij te horen. Als hij wel betrokken is, dan kunnen de zogenaamde criminelen wel wat voor hem regelen. Een paspoort en plek in Spanje om te schuilen bijvoorbeeld. Maar dan moet hij het wel eerlijk opbiechten.

Gedenkteken voor doodgeschoten Wiegmink

Gedenkteken voor doodgeschoten Wiegmink
Gedenkteken voor doodgeschoten Wiegmink
Foto: ANP

Verklaringsvrijheid is aangetast

R. geeft zijn rol inderdaad toe tegenover de undercoveragenten, maar trekt die verklaring na zijn aanhouding weer in. Stoerdoenerij, volgens hem zelf. Hij wil aanspraak maken op het geld dat hem is beloofd en zegt daarom dat hij het gedaan heeft.

Zowel de rechtbank als het hof schuift deze uitleg terzijde, maar de Hoge Raad oordeelt dat de opsporingsambtenaren wel degelijk bemoeienis hebben gehad met wezenlijke onderdelen van de door de verdachte afgelegde verklaring" en dat de verklaringsvrijheid is aangetast". Daarom zal het hof in Den Haag zich opnieuw over deze zaak buigen.

Frank S. heeft wel bekend

De zaak die voor ze ligt, is er een waarin een tweede persoon, Frank S., zijn aandeel in de dood van Wiegmink in 2016 wel vrijwillig heeft bekend. Uit wroeging. Tegelijkertijd wijst hij R. aan als mededader.

Het was ze te doen om de auto van Wiegmink, maar die betrapt ze op het stelen met fatale afloop. Om alle sporen te wissen besluiten ze, aldus S., om het lichaam van Wiegmink in diens eigen auto naar Erp te rijden en in brand te steken.

S. wordt daarvoor in maart 2018 in hoger beroep veroordeeld tot zestien jaar cel. Wanneer er uitspraak wordt gedaan tegen R. is nog niet bekend.