Het Openbaar Ministerie (OM) heeft dinsdag achttien jaar cel en tbs met dwangverpleging geëist tegen de 28-jarige Willem V. uit Hengelo. Hij wordt verdacht van de moord op Chantal de Vries in de nacht van 24 op 25 december in 2019.

De officier van justitie noemde de daad tijdens de zitting bij de rechtbank in Almelo "beestachtig". Het slachtoffer werd omstreeks 2.00 uur dood aangetroffen bij haar auto op een parkeerplaats aan de rand van het centrum van Hengelo.

Op camerabeelden is te zien dat V. haar zeven minuten lang volgt, terwijl ze van haar werk in een grand café naar haar auto loopt. Aan het einde van de video is een angstkreet van het slachtoffer te horen.

Het slachtoffer werd met zeven messteken om het leven gebracht. Een half uur later werd de verdachte gearresteerd. Zijn kleding zat onder het bloed. Op het mes dat hij in een sloot had gegooid, werden DNA-sporen van hem en het slachtoffer gevonden.

Hoewel V. diverse malen een bekentenis heeft afgelegd, kon hij zich naar eigen zeggen nauwelijks iets van het steekincident herinneren. Deskundigen van het Pieter Baan Centrum zetten echter "forse vraagtekens" bij zijn vermeende geheugenverlies.

Man zegt zich 'nauwelijks iets te kunnen herinneren'

De verdachte heeft nooit antwoord gegeven op de vraag waarom hij de vrouw heeft doodgestoken. Politieonderzoek leverde ook geen duidelijk motief op. De twee kenden elkaar niet en hadden eerder op die dag ook geen contact met elkaar. Ook zijn er geen aanwijzingen voor een beroving. Daarnaast is seksueel misbruik niet bevestigd.

V. beriep zich in de rechtbank voortdurend op zijn zwijgrecht. Wel benadrukte hij meerdere keren aan stoornissen en depressies te lijden en daarvoor behandeld te willen worden. Volgens de deskundigen zijn de aandoeningen niet zo sterk aanwezig dat die hem tot de moord kunnen hebben aangezet.

Gezien de aard van het misdrijf en V.'s verleden, dat door agressie en conflicten met (pleeg)ouders en hulpverleners getekend wordt, is een psychische behandeling volgens de officier van justitie op zijn plaats.

De rechtbank doet op 16 februari uitspraak.