Het middeleeuwse massagraf in Vianen, dat vorige maand werd ontdekt bij graafwerkzaamheden, bevat waarschijnlijk de skeletten van slachtoffers van een veldslag die ergens tussen 1481 en 1648 plaatsvond. Sporen van geweld duiden op oorlogshandelingen, meldt de gemeente Vijfheerenlanden maandag.

Half november werd bekend dat bij graafwerkzaamheden aan de stadsgracht in Vianen zeker twintig menselijke skeletten waren gevonden. Archeologen gingen er toen al van uit dat er mogelijk nog veel meer botten te vinden waren. Uiteindelijk zijn er 71 skeletten gevonden, meldt de gemeente.

"Bij twee skeletten is overduidelijk bewijs gevonden van (extreem) geweld", aldus de gemeente. "Bij een skelet is het heiligbeen doorgehakt en bij een andere is door een slag de bovenkant van het schedeldak afgeslagen."

Volgens archeologen zijn er twee oorlogshandelingen die in verband kunnen worden gebracht met de veldslag: de Stichtse Oorlog (1481-1483) en de Tachtigjarige Oorlog (1568-1648).

"De Spanjaarden hebben Vianen in 1567 ingenomen. Als deze jongens toen zijn gedood, dan is er dus formeel sprake van slachtoffers die net aan het begin van de Tachtigjarige oorlog zijn gevallen", aldus de gemeente.

Door gebrek aan voorwerpen lastig om precieze tijd te bepalen

De afwezigheid van voorwerpen maakt het vooralsnog lastig om meer dan deze theorieën te koppelen aan de vondst, aldus de gemeente. De komende weken worden de skeletresten uit de klei gehaald. Dit onderzoek richt zich onder meer op het in beeld brengen of er meer geweldsporen aanwezig zijn. Definitieve antwoorden worden in de loop van 2021 verwacht.

De vindplek van de skeletten is in of nabij het voormalige kasteelterrein Batestein, dat rond 1370 werd gebouwd. Na een brand in 1696 raakte het in verval.