Imam Yassin El Forkani vertrekt bij de progressieve Blauwe Moskee in Amsterdam. Na acht jaar stopt hij daar als hoofdimam en voorzitter van het moskeebestuur, vertelde hij vrijdag in een interview met NRC. Hij stopt mede onder druk van heftige bedreigingen die hij de afgelopen tijd heeft gekregen.

De oprichter en hoofdimam van de moskee in de wijk Slotervaart stopt eind deze maand met zijn werk.

Zijn rol als bestuursvoorzitter zal worden overgenomen door een vrouw. Dat onderstreept volgens El Forkani het progressieve karakter van de Blauwe Moskee.

Aan AT5 vertelde de imam dat de bedreigingen meewogen in zijn beslissing, maar niet de hoofdreden waren. "We hebben in tien jaar denk ik de mooiste en meest populaire moskee van Nederland opgezet. Daar ben ik hartstikke trots op. We hebben ons behoorlijk gemengd in het maatschappelijke debat. En nu vind ik dat het tijd is voor een nieuwe generatie en een nieuw gezicht."

Een maand geleden werd al bekend dat El Forkani voorlopig geen vrijdagpreek meer zou houden in de moskee, omdat hij veel doodsbedreigingen kreeg.

De Blauwe Moskee groeide sinds de opening in 2012 uit tot een belangrijk bolwerk van de progressieve islamitische gemeenschap in Nederland.

El Forkani was de eerste imam die in het Nederlands predikte. Hij veroordeelde onder meer Syriëgangers fel, stelde dat moslims Geert Wilders moeten beschermen en pleitte voor grondige hervorming van de islam.

Kritiek vanwege oproep verbieden belediging Mohammed

De geestelijke kwam onder vuur te liggen, nadat hij opriep tot het verbieden van het beledigen van de profeet Mohammed. Hij deed dat naar aanleiding van de recente terroristische aanslagen in Frankrijk. De imam kreeg veel kritiek op zijn uitlatingen.

El Forkani lichtte aan AT5 toe dat een gesprek met een jonge moslim aanleiding voor zijn oproep was. Hij schrok ervan dat die begrip toonde voor de aanslagen. "Maar toen zei hij: 'Yassin, leg me nou dit eens uit. Als onze Joodse broeders worden aangevallen, is dat al snel antisemitisme, en dat wordt niet toegestaan. Dat begrijp ik. Maar waarom valt het beledigen van de profeet dan onder de vrijheid van meningsuiting?' Dat zette me aan het denken."