De top van de Belastingdienst en het ministerie van Financiën negeerden drie jaar geleden een memo van een ambtenaar die waarschuwde voor de "ontoelaatbare handelwijze" rondom de kinderopvangtoeslag, blijkt dinsdag uit een brief van staatssecretaris Alexandra van Huffelen (Financiën) aan de Tweede Kamer.

Naar schatting heeft de Belastingdienst bijna 30.000 mensen onterecht als fraudeur bestempeld. Deze mensen moesten tienduizenden euro's aan kinderopvangtoeslag terugbetalen. Velen van hen raakten in grote financiële problemen.

Uit het memo blijkt dat een ambtenaar de top van de fiscus in 2017 heeft gewaarschuwd voor misstanden rondom het stopzetten van toeslagen. De werknemer raadde het managementteam aan de gedupeerde ouders "een vorm van compensatie" aan te bieden en constateerde onder meer dat toeslagen zijn stopgezet op basis van "onjuiste rechtsgronden".

Van Huffelen stuurde het memo dinsdag op aandringen van CDA-Kamerlid Pieter Omtzigt naar de Tweede Kamer. Ze geeft toe dat hieruit blijkt dat "kritische signalen" niet gehoord werden, waardoor er te laat aandacht aan de zaak is besteed.

Het memo zou destijds zijn besproken door het managementteam, maar er is verder niks mee gebeurd, bevestigt Van Huffelen in de brief. Ook is het memo later niet gedeeld met de commissie-Donner, die onderzoek naar de kwestie deed. Ook niet nadat het in 2019 intern bij de fiscus was opgedoken.

Onder druk van Tweede Kamerleden en door berichtgeving in de media is in de afgelopen twee jaar meer duidelijk geworden over de grote gevolgen van de ontspoorde jacht op fraudeurs bij de Belastingdienst. Het kabinet probeert de kwestie af te wikkelen, maar de uitbetaling van de compensatie verloopt zeer moeizaam. De vertraging leidt tot moedeloze reacties in de Tweede Kamer.

Dit jaar verwacht het kabinet driehonderd tot zeshonderd gedupeerde gezinnen te helpen. "In dit tempo doen we er honderd jaar over", reageerde Kamerlid Omtzigt gefrustreerd.