Voedselbank Nederland hielp eind juni 35.500 huishoudens, die samen uit bijna 90.000 personen bestaan. Dat is een stijging van 8,5 procent ten opzichte van het hetzelfde moment een jaar eerder, aldus de organisatie donderdag.

Vooral de voedselbanken in de grote steden hebben te maken met een groter klantenbestand. Amsterdam springt eruit met een stijging van 26 procent. Tegelijkertijd is het aantal klanten in 44 kleinere gemeenten afgenomen.

In het eerste half jaar van dit jaar werden 120.000 personen geholpen. Tussen de klanten bestaan grote verschillen. "Sommige mensen gaan een maand naar de voedselbank, terwijl de ander nog tot en met december hulp nodig heeft", zegt woordvoerder Pien de Ruig.

Volgens Voedselbank Nederland valt dit jaar ook op dat er geen sprake is van een zogeheten zomerdip. Mogelijk heeft dit te maken met de coronacrisis, aldus de organisatie. Doorgaans daalt het klantenbestand in juni en juli met 2,5 tot 5 procent. Dat is nu niet het geval.

Op meerdere momenten in het jaar wordt bij de 171 voedselbanken gepeild hoeveel klanten ze hebben. De laatste peiling vond eind juni plaats. Het is niet bekend hoeveel personen op dit moment worden geholpen.

Voedselbanken bereiden zich voor op verdere groei

De voedselbanken houden vanwege de economische krimp en de toenemende werkloosheid rekening met extra klanten. "We bereiden ons de komende twaalf maanden voor op een eventuele groei van 50 procent", vertelt De Ruig. "We weten niet of dit zal gebeuren, maar we willen er klaar voor zijn."

De focus bij de voorbereidingen ligt met name op het inzamelen van meer eten. Nu worden wekelijks een miljoen producten ingezameld. Een huishouden met twee personen krijgt elke week een pakket met 25 producten, vertelt De Ruig. Ze vertelt dat ook op logistiek gebied moet worden opgeschaald en dat daarvoor vrijwilligers nodig zijn.

Wie door de coronacrisis in de financiële problemen komt, wordt door de organisatie opgeroepen tijdig hulp te zoeken. Veel mensen zouden onterecht denken dat ze niet in aanmerking komen voor een voedselpakket, bijvoorbeeld omdat ze een koopwoning of ander vermogen hebben. Bij de screening wordt echter gekeken naar hoeveel geld iemand maandelijks heeft voor boodschappen.