Michel B., die wordt verdacht van het ombrengen van een man in Lelystad, verklaart dinsdag voor de rechtbank dat een seksueel getinte opmerking van het slachtoffer de aanleiding was om hem aan te vallen. Medeverdachte Jan van K. zou hem hebben geholpen, maar Van K. ontkent dat.

De 72-jarige Gerrit T. werd op 28 april 2019 dood gevonden in zijn appartement aan de Rode Klif in Lelystad. Hij bleek de week ervoor te zijn gedood. Het Openbaar Ministerie (OM) denkt dat geld het motief was.

De 36-jarige B. en de 49-jarige Van K. brachten zowel op 19 april als op zaterdag 20 april de avond door bij het slachtoffer. De drie mannen kenden elkaar uit de tbs-kliniek in Almere. T. was behandeld in de Oostvaarderskliniek na een veroordeling voor ontucht met onder anderen een minderjarige. Later is hij als vrijwilliger in de kliniek gaan werken.

Van K. kwam in 2017 vrij uit de kliniek en B. zat er nog steeds vast. B. was in het paasweekend waarin T. werd omgebracht op proefverlof.

Verdachte zegt in verleden te zijn misbruikt

De mannen verklaren in de rechtbank dat in de nacht van 20 op 21 april de sfeer in het appartement van T. omsloeg. Het slachtoffer zou een seksuele opmerking in de richting van B. hebben gemaakt, waarop B. woest werd.

B. vertelt twintig jaar lang door zijn eigen vader te zijn misbruikt en legt uit dat de opmerking leidde tot een "flashback". Volgens de verdachte liep hij af op T., die daarop een schaar pakte. Hij wist de schaar af te pakken en gaf T. een paar klappen. Daarna drukte B. een kussen op T.'s gezicht, nam hij hem in een nekklem en wurgde hij hem uiteindelijk met een stuk tape.

Volgens B. hielp Van K. het kussen op het gezicht van het slachtoffer te duwen. Ook gaf hij het stuk tape aan en vertelde hij B. "het nu af te maken, omdat niemand een pedofiel zou missen".

Medeverdachte ontkent alle betrokkenheid

Van K. ontkent dit alles. Hij zegt alleen maar angstig te hebben toegekeken en dat hij onder invloed was. Verder zegt Van K. vooral veel te zijn vergeten. Het geld en de laptop van het slachtoffer die bij hem thuis zijn aangetroffen, bewaarde hij naar eigen zeggen voor B. De hoofdverdachte heeft verder bedragen van de rekening van het slachtoffer naar zijn eigen rekening overgemaakt.

Beide verdachten ontkennen echter dat er een motief voor het ombrengen van T. was. "Hij hoefde van mij niet dood", zeggen beide verdachten eensgezind.

Het OM denkt hier anders over en komt later op dinsdag met de strafeis.