Het aantal verwijzingen van huisartsen naar ziekenhuizen is bijna terug op het niveau van voor de coronacrisis, concludeert de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) woensdag op basis van nieuwe cijfers over de medisch-specialistische zorg.

Als gevolg van de coronacrisis waren er in het eerste half jaar van dit jaar 791.000 minder verwijzingen naar de medisch-specialistische zorg dan gebruikelijk. Ook werd er 63.000 keer minder doorverwezen naar de geestelijke gezondheidszorg. Inmiddels is ruim 90 procent van de reguliere behandelingen weer hervat.

In juni meldden zich ook opvallend veel nieuwe patiënten bij de medisch specialist: ruim 150.000 meer dan vorig jaar in deze periode. Het herstel is met name zichtbaar door een toename van het aantal polikliniekbezoeken. Ook neemt het aantal operaties weer toe. In het aantal verpleegdagen is op dit moment nog geen stijging te zien, maar de registratie hiervan vindt vaak later plaats.

De geestelijke gezondheidszorg is ook weer bijna helemaal terug op het oude niveau. "Voor de ggz zitten we de afgelopen weken op meer dan 90 procent van de verwachte verwijzingen zonder coronamaatregelen", aldus de NZa. Het lijkt er daarnaast op dat de coronacrisis nauwelijks gevolgen heeft gehad voor de wachttijden.

Bevolkingsonderzoeken ook weer opgestart

Ook de bevolkingsonderzoeken zijn weer hervat, maar nog niet met de volledige capaciteit. Zo startte het darmkankeronderzoek op 11 mei alweer op. In juni zijn hiervoor in totaal meer dan 116.000 mensen benaderd. Dat komt neer op 78 procent van het aantal mensen dat in 2019 uitgenodigd werd voor het onderzoek.

De borstkankerscreening is vanaf 8 juli hervat en zit inmiddels op 40 procent van de normale capaciteit. Het bevolkingsonderzoek naar baarmoederhalskanker is 1 juli weer begonnen, maar hier zijn nog geen gegevens over beschikbaar.