De rechtbank in Den Haag heeft donderdag drie jaar en acht maanden cel aan Roy B. opgelegd omdat hij in 2018 heeft nagelaten hulp te bieden aan Orlando Boldewijn, toen die in het koude water van de Haagse plas de Blauwe Loper lag. Doordat hij niet ingreep, is hem aan te rekenen dat de jongen uiteindelijk is verdronken.

De rechtbank moest antwoord geven op de vraag of B. de destijds zeventienjarige Boldewijn in de nacht van 18 op 19 februari in het water heeft zien liggen en of ingrijpen - zoals het bellen van de hulpdiensten - het leven van de jongen had kunnen redden.

Volgens de rechter kan de eerste vraag bevestigend worden beantwoord. De rechtbank acht bewezen dat B. de jongen in het water heeft zien liggen en dat hij wist dat hij hulp nodig had, maar er bewust voor koos dit niet te doen.

Ook de tweede vraag kan volgens de rechtbank met ja worden beantwoord. De kans was aanwezig dat Boldewijn het had overleefd als B. tijdig had ingegrepen; dat kan hem dus worden aangerekend.

De straf van de rechtbank is een stuk hoger dan twintig maanden cel, zoals het Openbaar Ministerie (OM) eiste.

Onduidelijk hoe jongen in water terecht is gekomen

Boldewijn en de inmiddels 29-jarige B. hadden die avond met elkaar in Den Haag afgesproken via de datingapp Grindr. Ze brachten de avond door in het huisje van B. op een eilandje. B. zette Boldewijn later af aan wal.

Uit camerabeelden blijkt dat Boldewijn in de buurt rond bleef zwerven, mogelijk omdat B. hem beloofd zou hebben om hem naar huis in Rotterdam te brengen. Hoe de jongen uiteindelijk in het water terecht is gekomen, is niet duidelijk.

B. bood niet alleen geen hulp, maar verzweeg ook dat de jongen was verdronken. Pas na een anonieme tip werd het lichaam van Boldewijn gevonden, op 26 februari.

De nabestaanden laten via hun advocaat Sébas Diekstra weten "heel tevreden" te zijn met de veroordeling. "Dit doet recht aan de zaak en vooral recht aan Orlando", aldus Diekstra.