Het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek in Nederland heeft te maken met politieke beïnvloeding vanuit China, blijkt vrijdag uit een eerste verkenning van Instituut Clingendael. De politieke beïnvloeding vindt vooral plaats via het aanzetten tot zelfcensuur, zowel direct of indirect, bij onderzoekers, studenten, beleidsmakers bij universiteiten, en medewerkers en directeuren van academische uitgeverijen die met of in China werken.

Voor de verkenning interviewde het kennisinstituut zo'n honderd wetenschappers, studenten en andere betrokkenen op anonieme basis. Het gaat om een eerste onderzoek onder een beperkte groep.

Vrijwel alle geïnterviewde onderzoekers zeiden dat ze in zekere mate aan zelfcensuur deden als het over China ging. Ook meden ze voor China politiek gevoelige thema's of probeerden ze dat soort onderzoek "onder de radar te houden".

"Dat gaat niet alleen om het tegenhouden van onderzoek naar de Oeigoeren, maar ook bijvoorbeeld over onderzoek naar de arbeidsomstandigheden in China", legt onderzoeker Ingrid d'Hooghe van Instituut Clingendael uit aan NRC.

De belangrijkste instrumenten om zelfcensuur te bevorderen, bleken visumweigering door de Chinese ambassade, het stopzetten van Chinese financiering voor onderzoek en inperking van samenwerking met Chinese partners.

Beïnvloeding druist in tegen wetenschappelijke integriteit

Hoewel de geïnterviewde onderzoekers de beïnvloeding door China op persoonlijk niveau niet als een probleem ervaren, is de ontwikkeling volgens de auteurs een zorgelijke, onder meer omdat beïnvloeding indruist tegen waarden van academische vrijheid en wetenschappelijke integriteit en de Nederlandse kennispositie ten aanzien van China aantast.

Het is daarom belangrijk dat de overheid en kennisinstellingen aandacht besteden aan het probleem, schrijven de auteurs. Ze raden onder meer aan het bewustzijn van de risico's van politieke beïnvloeding te versterken en de politieke beïnvloeding voortdurend te monitoren.

Samenwerking met China is belangrijk voor de Nederlandse wetenschap en het hoger onderwijs. Zo zijn Chinese studenten en promovendi een belangrijke bron van inkomsten en kennis. Ook werken alle Nederlandse universiteiten samen met China en Chinese kennisinstellingen.