Over een aantal jaar wordt de registratie van het geslacht niet meer vermeld op identiteitskaarten, schrijft minister Ingrid van Engelshoven (Onderwijs, Cultuur en Wetenschap) vrijdag in een brief aan de Tweede Kamer.

Naar verwachting zal het geslacht vanaf 2024 of 2025 weggelaten worden op nieuwe identiteitskaarten. De registratie blijft wel nog op paspoorten staan, omdat dit moet volgens Europese afspraken.

Ook kondigt Van Engelshoven aan bedrijven en organisaties te zullen gaan helpen bij het voorkomen van onnodige sekseregistratie. De minister laat voor hen een "online toolbox" bouwen met onder meer een afwegingskader en voorbeelden.

De noodzaak om onnodige geslachtsregistratie te beperken staat opgenomen in het regeerakkoord uit 2017 van de huidige coalitie van VVD, CDA, D66 en ChristenUnie. Lhbti-organisaties pleiten al langer voor een einde aan verplichte geslachtsregistratie door de overheid.

Geslacht weglaten van identiteitskaart kent weinig gevolgen voor politie

Uit onderzoek van Binnenlandse Zaken is gebleken dat het geslacht van identiteitskaarten kan worden weggelaten zonder veel praktische gevolgen voor bijvoorbeeld de politie of marechaussee, die de kaarten gebruiken voor identificatie, schrijft Van Engelshoven.

Bij paspoorten ligt het gecompliceerder, omdat die moeten voldoen aan bepaalde internationale voorwaarden, willen ze geschikt blijven als reisdocument. Een alternatief is om de mogelijkheid aan te bieden een 'X' in te vullen bij het geslacht. Malta en Nieuw-Zeeland doen dit bijvoorbeeld al.

Wetswijziging nodig voor derde seksecategorie op paspoort

Maar het paspoort moet wel overeenkomen met de Basisregistratie Personen (BRP), die gebaseerd is op de geboorteakte. Daarom moet het alternatief om voor een derde seksecategorie te kiezen bij de geboorteakte eerst mogelijk gemaakt worden, zegt minister voor Rechtsbescherming Sander Dekker (VVD). Hij onderzocht deze mogelijkheid voor Van Engelshoven.

In Nederland zijn er al mensen die als deze derde categorie geregistreerd zijn, die "geslacht is niet kunnen worden vastgesteld" heet. Maar dit kon alleen nadat ze hiervoor zelf een rechtszaak aanspanden.

Wil Van Engelshoven dit op structurele basis mogelijk maken, dan is een wetswijziging nodig. Maar rechters zijn het oneens of zo'n derde categorie structureel aangeboden mag worden volgens de huidige wet. Daarom wil Dekker, voordat er overgegaan wordt op een wetswijziging, eerst de ontwikkelingen in de jurisprudentie afwachten, die vooralsnog "geen eenvormig beeld laat zien".