Het Openbaar Ministerie (OM) heeft donderdag in het hoger beroep tegen de verdachten van de vergismoord op Djordy Latumahina de verdenking uitgesproken dat de mannen tot een moordcommando zouden behoren. Versleutelde berichten verstuurd met een zogeheten PGP-telefoon vormen hiervoor het bewijs.

Eerder werd al bekend dat drie van de in totaal vijf mannen nu ook verdacht worden van betrokkenheid bij het voornemen crimineel kopstuk Naoufal 'Noffel' F. in 2015 te liquideren in Berlijn.

Het OM toonde donderdag een uitgebreide presentatie met een scala aan berichten tussen een groep mannen, waarin de voorbereiding van de moord op Noffel werd besproken.

Een van hen is de tot levenslang veroordeelde Omar L. In een aan hem toegeschreven PGP-bericht aan verdachte Salim B. staat: "Wil die man (Noffel, red.) meer dan jou geloof me. Man heeft mijn broer vermoord."

Noffel zou betrokken zijn geweest bij de dubbele moord in de Amsterdamse Staatsliedenbuurt in 2012, al is hij daar nooit voor vervolgd. Een van de slachtoffers was de broer van L., Youssef.

Djordy werd slachtoffer van persoonsverwisseling

Volgens het OM is B., die nog is aangehouden, de persoon die Cedric R. zou voorzien van moordopdrachten. Hij zou die op zijn beurt doorspelen aan Djurgen W. en Tony D. als uitvoerders.

Zo ook de moord op Gino M. De man was in oktober 2016 het beoogd doelwit van de schietpartij, waar Djordy Latumahina door een persoonsverwisseling het slachtoffer van werd. De man werd samen met zijn vriendin en kind onder vuur genomen en overleed. De vrouw raakte zwaargewond.

Het OM wil graag dat de nieuwe onderzoeksresultaten worden meegenomen in het hoger beroep in de zaak Djordy. Volgens justitie verstevigen de PGP-berichten de verdenking tegen de mannen van betrokkenheid bij de vergismoord.

Dat geldt onder andere tegen D., die door het OM als schutter wordt beschouwd, maar door de rechtbank werd vrijgesproken.