Het Openbaar Ministerie (OM) heeft woensdag drie en vier jaar celstraf geëist tegen twee mannen die verantwoordelijk zouden zijn voor oplichting met een partij mondkapjes. De beschermingsmiddelen werden na aanbetaling vanuit Duitsland nooit geleverd.

Forse strafeisen die volgens de officier van justitie als signaal gezien moeten worden naar de maatschappij dat de Staat toezicht houdt en streng optreedt tegen misbruik van deze coronacrisis.

Een vertegenwoordiger die optrad namens de Duitse bedrijven Arivine Pharma en Med Drop dacht in maart van dit jaar een bedrijf te hebben gevonden dat in staat was om 11 miljoen mondkapjes te leveren.

Diezelfde maand werd een voorschot van 880.000 euro betaald, maar de mondkapjes werden nooit geleverd.

ING-rekening leidt naar verdachte

Uit onderzoek bleek dat het geld was overgemaakt naar een ING-rekeningnummer dat toebehoorde aan de 52-jarige verdachte Eduard B. De voormalig eigenaar van een inmiddels failliet interieurbedrijf maakte een groot deel van het bedrag direct over naar de United Bank for Africa in Engeland. Ook ging er een deel naar medeverdachte Gerard M.

Volgens de officier van justitie wisten beide mannen dat het geld afkomstig was van een misdrijf, namelijk oplichting. Met het verschuiven van het geld probeerden ze dit wit te wassen.

De strafeis tegen de 61-jarige M. valt hoger uit omdat het OM hem beschouwd als leidend figuur. De man is onlangs ook al veroordeeld voor oplichting in een andere zaak, al is die straf nog niet onherroepelijk.

Verdachten ontkennen betrokkenheid

De verdachten zelf ontkennen hun betrokkenheid bij de fraude. B. zegt dat hij dacht dat het geld afkomstig was van een investeerder. Dit zou hem door M. zijn verteld.

In opdracht van diezelfde M. zegt hij het grootste deel van de 880.000 te hebben overgemaakt naar andere rekeningen en met het overige deel schuldeisers te hebben betaald en een houtverwerkingsmachine voor zijn bedrijf te hebben gekocht.

M. wijst op zijn beurt naar een derde verdachte in deze zaak, een Nigeriaanse man. Hij zou de initiator zijn van de fraude en M. verklaart in het verhaal van deze man te zijn getrapt.

Het OM erkent dat deze Nigeriaanse man inderdaad een verdachte is, maar dat ze niet in staat zijn geweest hem te horen als getuige.

De rol van deze man doet volgens justitie echter niet af aan de strafbaarheid van B. en M. De officier heeft ook verzocht de gedupeerden schadeloos te stellen.