Plattelandsbewoners uit Noord-Brabant, Limburg en enkele andere delen van Nederland hebben een rechtszaak aangespannen tegen de Nederlandse Staat vanwege voortdurende stankoverlast van varkens- en pluimveestallen.

De groep burgers werkt samen met het Brabants Burgerplatform, een stichting die opkomt voor de belangen van burgers in het buitengebied van Noord-Brabant. Zij worden bijgestaan door advocaat Nout Verbeek.

Ze stellen in hun dagvaarding dat de Staat hen niet adequaat beschermt tegen de stankoverlast van de stallen en daarom onrechtmatig handelt. Volgens het AD is de dagvaarding ondertekend door zestien burgers.

De groep beroept zich onder meer op het non-discriminatiebeginsel van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens. Ook putten de plattelandsbewoners hoop uit de Urgenda-zaak, waarin een burgerplatform via de rechter afdwong dat de Staat de uitstoot van broeikasgassen moet verminderen.

'Boeren doen niets fout'

In een persbericht schrijft het Brabants Burgerplatform woensdag dat burgers onrecht wordt aangedaan door de stank van stallen "die als paddenstoelen uit de grond geschoten zijn". Volgens het platform melden burgers zich hierom regelmatig bij de Raad van State, maar "vrijwel altijd krijgen zij daar nul op het rekest".

Volgens Verbeek doen de boeren niets fout. "De boeren blijven binnen de vergunningsruimte die de overheid ze biedt. Het punt is alleen dat de vergunningen nooit hadden mogen worden toegekend. De stank die uit de stallen komt, vormt voor omwonenden een serieus probleem. Mensen worden er echt naar van", zegt de advocaat tegen het AD.

In 2015 bleek uit onderzoek dat omwonenden van megastallen en boerderijen met veel kippen, varkens en koeien vaker gezondheidsklachten ervaren.