De Hoge Raad heeft dinsdag geoordeeld dat de straf van twintig jaar cel opgelegd aan Mark de J. voor de moord op Koen Everink definitief is. Everink werd in maart 2016 omgebracht in zijn woning in Bilthoven.

De moord op de zakenman zorgde voor de nodige opschudding. Everink werd met meerdere messteken om het leven gebracht terwijl zijn dochtertje boven lag te slapen.

De 42-jarige Everink was een succesvol zakenman en kwam eerder in het nieuws na in 2012 te zijn mishandeld door kickbokser Badr Hari tijdens een feestje in de toen nog Amsterdam Arena.

Enkele weken nadat het lichaam van Everink was gevonden werd een goede vriend van hem, Mark de J., aangehouden. De tennisleraar ontkende betrokkenheid bij de dood van Everink, maar de bewijzen tegen hem stapelden zich op.

Zo werd het gouden horloge van Everink teruggevonden bij een familielid van De J. die het daar op verzoek van De J. had verborgen. Daarnaast had de man een van de messen waarmee Everink is omgebracht meegenomen naar de woning van het slachtoffer en zocht hij voorafgaand aan de moord naar zoektermen als 'fatale messteek' en 'messteek in rug'.

De gokschuld die De J. had bij Everink wordt gezien als het motief. Het openstaande bedrag van 66.000 euro moet de man terugbetalen aan de familie van Everink.

Man is altijd blijven ontkennen

Zelf is De J. de moord altijd blijven ontkennen. Hij zegt de avond van de moord inderdaad in de woning van Everink te zijn geweest, maar bij vertrek uit huis te zijn ontvoerd door vier mannen. Die zouden verantwoordelijk zijn geweest voor de dood van Everink.

Voor deze verklaring van de man is echter nooit bewijs gevonden. Dat De J. altijd heeft volgehouden niet verantwoordelijk te zijn voor de dood van Everink werkte strafverzwarend en leverde hem in hoger beroep een celstraf op van twintig jaar, na een eerdere veroordeling van achttien jaar. Een straf die nu definitief is.