Het kan al een tijdje: lang verloren verwanten opzoeken via commerciële DNA-databanken op het internet. Nu wil het ministerie van Justitie uitzoeken of die websites gebruikt kunnen worden om coldcases op te lossen, schrijft minster Ferd Grapperhaus in een brief aan de Tweede Kamer.

Onder meer een expert van het Nederlands Forensisch Instituut (NFI) en een DNA-onderzoeker riepen eerder in NRC op het gebruik van commerciële DNA-databanken te onderzoeken. In de Verenigde Staten leidde dit tot het oplossen van wel zeventig zaken binnen anderhalf jaar.

Online DNA-databanken geven klanten de mogelijkheid om hun eigen afkomst te onderzoeken. Klanten sturen bijvoorbeeld een wattenstaafje met wat speeksel op naar het bedrijf, dat vervolgens het DNA-profiel kan analyseren op geografische afkomst of vergelijken met andere profielen in de databank.

Uiteindelijk kunnen bijvoorbeeld verre familieleden opgespoord worden. Soms kan het ook inzicht geven in het risico op bepaalde erfelijke ziekten en aandoeningen. Bekende voorbeelden van dit soort bedrijven zijn onder meer GEDmatch, 23andMe of FamilyTreeDNA.

Gebruik databank is een 'interessante optie'

Grapperhaus omschrijft het gebruik van commerciële DNA-databanken voor het oplossen van coldcases als een "interessante optie" en zegt de wens te begrijpen om nieuwe opsporingsmethodes in te zetten.

Politie, justitie, het Openbaar Ministerie en het NFI gaan daarom uitzoeken "tot in hoeverre deze nieuwe ontwikkeling kan worden gebruikt in het Nederlandse strafprocesrecht", schrijft Grapperhaus.

Justitie gaat wel aan de slag met een 'verkenning'

De minister wijst erop dat privacybezwaren spelen bij deze aanpak. Wanneer mensen hun DNA-profielen uploaden naar een commerciële databank, betekent dit dat er ook informatie beschikbaar komt van (verre) familieleden, die er niet voor hebben gekozen hun profiel naar de databank te uploaden, schrijft Grapperhaus.

"Gebruik van de genealogische DNA-databanken heeft daardoor impact op de privacy van veel mensen en daar moet op zorgvuldige wijze mee worden omgegaan", aldus de minister.

Justitie, politie, het Openbaar Ministerie en het NFI zullen daarom bij een eerste verkenning de identiteit proberen te achterhalen van onbekende doden. Bij deze doden moet wel zeker zijn dat ze geen slachtoffer zijn van een misdrijf. Dat zou namelijk te veel "technische en juridische vraagstukken" met zich meebrengen.