Een op de vijf cliënten van Slachtofferhulp Nederland is tussen de twintig en dertig jaar. Daarmee maakt deze leeftijdscategorie het meeste gebruik van de diensten van de hulpverleningsorganisatie. Dat blijkt uit cijfers die het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) donderdag heeft gepubliceerd.

In 2018 hebben meer dan 36.000 twintigers hulp gezocht en gekregen van Slachtofferhulp. Twintigers hebben vooral te maken met geweldsincidenten. Een kwart van alle slachtoffers die met geweld te maken hebben gehad en die bij Slachtofferhulp aankloppen, is in de twintig.

Ouderen vanaf vijftig jaar hebben vooral te maken met vermogensdelicten, zoals diefstal, fraude en oplichting. Van alle aangemelde cliënten voor deze categorie is 45 procent boven de vijftig jaar.

In 2018 heeft Slachtofferhulp Nederland bijna 172.000 mensen geholpen met de nasleep van een trauma. Drie kwart van de cliënten die Slachtofferhulp krijgt, heeft te maken gehad met geweld of een vermogensdelict. Het overige kwart krijgt hulp na een verkeersongeval, een zedendelict of een ander delict.

Het grootste gedeelte van de cliënten die contact hadden na een zedendelict is tiener. 43 procent is tussen de tien en twintig jaar oud. Ook twintigers zijn met 25 procent oververtegenwoordigd in deze categorie.

54 procent van de cliënten is man. Zij hebben vaker contact met Slachtofferhulp in verband met verkeersongevallen en vermogens- en geweldsdelicten. Bij zedenmisdrijven zijn vrouwen met 87 procent veruit in de meerderheid.