Het klinkt wellicht als veel geld, de 460 miljoen euro die het kabinet vrijmaakt voor het onderwijs. Maar docenten en bonden spreken van een doekje voor het bloeden; daarom gaat de onderwijsstaking woensdag door. Hoeveel geld zou het kabinet jaarlijks moeten vrijmaken voor het onderwijs om de enorme tekorten wél op te lossen?

"Het grootste probleem is dat het geen structureel geld is", stelt woordvoerder Simone van Geest van onderwijsbond AOb. "Het is een heel klein pleistertje waarmee je een gapend gat tijdelijk probeert te dichten. Je kan de leraren één jaar wat extra salaris bieden, maar na een jaar moeten ze dat weer inleveren. Dat is geen oplossing."

De AOb noemt het "bizar" dat er op Prinsjesdag niet meer geld voor het onderwijs in de begroting is opgenomen.

"Een half miljard is het absolute minimum voor een noodpakketje", legt Van Geest uit. "Het lerarenprobleem speelt al tien jaar en is inmiddels zo groot dat er zeker een structurele investering van 4 miljard euro moet worden gedaan om alle problemen te laten verdwijnen." Vier op de tien scholen kampen met een onoplosbaar lerarentekort; het gaat volgend jaar om een tekort van zes- tot achtduizend voltijdbanen.

'Het vak leraar kampt met een flink imagoprobleem'

Met de miljardeninvestering zou een betere cao voor de leraren moeten worden afgesloten. "Het vak kampt met een enorm imagoprobleem", legt Van Geest uit. "Door een structurele salariëring neem je een groot struikelblok bij de werving van nieuwe leraren weg. Een deel van het geld kan ook worden gebruikt om klassenassistenten aan te nemen, die kunnen helpen de werkdruk weg te nemen. Dat gebeurt nu al, maar over het algemeen worden die binnen een week onbevoegd voor de klas gezet om de docententekorten op te vangen."

Ook moet een deel van het geld gebruikt worden om zijinstromers, een van de oplossingen die het kabinet aandraagt om de tekorten weg te werken, de tijd te geven het vak te leren. De inzet van de AOb is dat het kabinet woensdag toezegt dat de 460 miljoen euro een structurele investering wordt.

De kleinere vakbond Leraren in Actie (LIA) zat niet aan tafel bij het overleg met het ministerie. Maar het was wel de organisatie die direct na de toezegging voor een eenmalige extra investering van het kabinet direct riep dat de staking woensdag toch doorging. AOb draaide pas in het weekend bij, na woedende reacties van de achterban én het aftreden van voorzitter Liesbeth Verheggen.

LIA eist dat het kabinet woensdag aan het eind van de dag een goed investeringsplan voor het onderwijs voor de komende drie jaar op tafel legt.

'Om alle problemen op te lossen is 7 miljard per jaar nodig'

"Stel je voor: een bergbeklimmer zit vast op de top van een berg en dreigt te sterven van uitputting en honger", zegt voorzitter Peter Althuizen. "Je gaat er dan vanuit dat de overheid een reddingsteam met helikopters inzet om hem uit die benarde positie te redden. Maar wat de overheid nu doet met de docenten is een mandje toewerpen met een gevulde koek en een flesje ranja en de toezegging dat er volgende week weer iemand komt kijken hoe het gaat."

De berekeningen van LIA gaan zelfs uit van 7 miljard per jaar, om het structurele tekort in de totale onderwijssector - dus ook het voortgezet en het wetenschappelijk onderwijs - goed op te lossen.

Een belangrijke eis van de radicale onderwijsbond is ook dat de betalingen van leraren voortaan weer door de overheid worden geregeld en niet door de schoolbesturen. "Nu maken de salarissen deel uit van een lumpsum die scholen van de overheid krijgen", legt Althuizen uit. "Wij willen niet dat besturen de mogelijkheid hebben om het extra geld voor de docenten aan andere zaken uit te geven."

Onderwijsbond LIA pleit ook voor herzien pabo

Ook pleit LIA voor een hervorming van de pabo-opleiding, die zeker veel mannen die interesse hebben in het vak van docent af lijkt te schrikken. "In het begin van de opleiding zit nu een gemeenschappelijk gedeelte voor de kleuterschool en de lagere school", legt de voorzitter uit. "We vangen veel signalen op dat dit vooral jonge mannen, die het onderwijs in willen om kennis over te dragen, enorm afschrikt."

Dit probleem werd eerder ook al geconstateerd door hoogleraar arbeidsmarkt Frank Cörvers die namens de Universiteit van Maastricht onderzoek deed naar het imago van de onderwijssector.

Minister Slob: 'Het is geen flutpakket'

Minister Arie Slob stelde maandag in een interview met het AD dat de toezegging voor 460 miljoen "geen flutpakket is". Hij erkent dat de problemen groot zijn. "De aanpak die we al hebben, werkt en kunnen we nu verder versterken. Daar moeten we mee doorgaan."

Emeritus hoogleraar onderwijskunde Jos Claessen sluit zich deels aan bij Slob. "Ik denk dat deze toezegging voor de komende twee jaar enige rek biedt om leuke dingen mee te doen", stelt hij. Voor de lange termijn zou volgens Claessen onder meer de cao in het onderwijs moeten worden aangepast. "Het startsalaris is niet het probleem", denkt hij. "Maar de mogelijkheid om door te groeien wel. In eigenlijk alle andere landen loopt de salarisschaal verder door. Nu bereiken docenten al twintig jaar vóór hun pensioen het maximaal haalbare salaris."

Ook zou het onderwijs meer promotiekansen moeten gaan bieden voor docenten, stelt de hoogleraar. "Dat was vroeger ook het geval; zo kon je vanaf de kweekschool doorgroeien en bijvoorbeeld akte van bekwaamheid halen. Zo had je meer doorgroeikansen, wat het werk aantrekkelijker maakte."