Steeds meer automobilisten krijgen een bekeuring voor het rijden door een rood kruis, schrijft minister Cora van Nieuwenhuizen van Infrastructuur in een brief aan de Tweede Kamer.

Dit jaar tot en met september zijn er bijna 2.600 boetes uitgeschreven, terwijl dat er in heel 2018 1.653 waren.

Van Nieuwenhuizen verklaart deze stijging met de verdubbeling van het aantal weginspecteurs met boa-bevoegdheid. In juli hadden vijftig weginspecteurs van Rijkswaterstaat deze status, inmiddels zijn dit er honderd.

Doordat de weginspecteurs altijd op de weg zijn, zien ze veel meer verkeersovertredingen dan de politie, aldus Rijkswaterstaat. Op het negeren van een rood kruis staat een boete van 240 euro.

Boa's (buitengewoon opsporingsambtenaar) van Rijkswaterstaat mogen sinds 2015 boetes uitschrijven voor het negeren van een rood kruis en het parkeren op de vluchtstrook. Sinds juli mogen ze ook boetes uitschrijven aan automobilisten die over de vluchtstrook rijden en voor hoogteoverschrijdingen bij tunnels.

De politiek noemt dit soort overtredingen in het verkeer ook wel 'huftergedrag'. Het CDA zei in oktober dat de partij graag ziet dat Rijkswaterstaat zijn camera's mag inzetten om dit soort gedrag te registreren.