Het Openbaar Ministerie (OM) heeft dinsdag laten weten alsnog bewijs voor doodslag te zien in de zaak tegen een man die het lichaam van een man verborg in een kruipruimte in een woning in Zwolle. In plaats van drie jaar, eiste de officier van justitie daarom twaalf jaar cel en tbs.

De zaak draait om de dood van Deniz Guldogdu die op 7 februari dit jaar om het leven kwam. Zijn lichaam werd in stukken gesneden teruggevonden in de kruipruimte van de woning van verdachte Mark de G. in Zwolle.

De G. had Guldogdu opgegeven als vermist, maar gaf uiteindelijk toe het lichaam van zijn vriend te hebben verborgen. Hij zegt dat hij echter niet betrokken was bij de dood van de man. Goldogdu zou in zijn bijzijn zelfmoord hebben gepleegd.

De officier van justitie zei in in zijn requisitoir op 25 april dat er onvoldoende overtuigend bewijs was dat zelfmoord uit kon sluiten. "Hamvraag is of ik de overtuiging heb dat verdachte het slachtoffer om het leven het gebracht. Voor die vraag vind ik het bewijs te weinig onderscheidend", aldus het OM.

Er werd daarom drie jaar cel en tbs geëist voor het wegmaken en het verbergen van het lichaam van het slachtoffer.

De nabestaanden lieten het er niet bij zitten en schakelden forensisch patholoog Frank van der Goot in. Die sloot zelfmoord uit, waarna de rechtbank extra onderzoek gelastte.

Metalen deeltje gevonden in hoofd slachtoffer

Na het horen van een wapendeskundige van het Nederlands Forensisch Instituut (NFI) veranderde de officier van justitie volgens RTV Oost van mening.

Die stelde dat er een metalen deeltje is gevonden naast de schotingang in het hoofd van het slachtoffer. Er heeft dus naar alle waarschijnlijkheid staal tussen de loop van het wapen en het hoofd van Goldogdu gezeten.

De officier benoemde dit als het ontbrekende stukje bewijs en eiste daarom een hogere celstraf tegen Mark de G. voor het doden van Goldogdu.

De rechtbank doet op 29 oktober uitspraak.