De minderjarige verdachte van het steekincident in de Bilderdijkstraat in Breda waarbij de vijftienjarige Megan overleed, blijft negentig dagen in voorlopige hechtenis zitten. Dat is donderdagmiddag bekend geworden tijdens een zitting van de strafraadkamer.

"Gezien de ernst van dit specifieke feit en de manier waarop het ingrijpt in de maatschappij, is er in dit geval gekozen voor een voorlopige hechtenis van negentig dagen", aldus een persrechter van de rechtbank Zeeland-West-Brabant.

Bij het jeugdstrafrecht is het gebruikelijk dat verdachten zo kort mogelijk in voorlopige hechtenis worden gezet, tenzij er zwaarwegende redenen zijn zoals de ernst van het feit of de kans op herhaling. Het komt daardoor niet vaak voor dat een minderjarige verdachte het proces in gevangenschap moet afwachten.

De volgende stap in het proces is de pro-formazitting, die op 22 november plaatsvindt. "Tijdens deze zitting wordt er niet naar de inhoud gekeken, maar vooral naar de stand van zaken in het onderzoek." Ook zal dan opnieuw naar de voorlopige hechtenis gekeken worden.

Op 20 augustus maakte een woordvoerder bekend dat het steekincident in de relationele sfeer zou hebben plaatsgevonden. Het slachtoffer en de zestienjarige verdachte zouden bij elkaar op school hebben gezeten.