De beperking dat vliegtuigen niet lager dan 300 meter boven bepaalde natuurgebieden in Zeeland en Zuid-Holland mogen vliegen blijft in stand, zo heeft de Raad van State woensdag geoordeeld. Het gaat om de natuurgebieden Haringvliet, Oosterschelde, Grevelingen, Hollands Diep, Westerschelde & Saeftinghe en Veerse Meer.

De minister van Economische Zaken legde de beperkingen voor het vliegen boven de natuurgebieden op om de populatie van bepaalde vogelsoorten in het gebied in stand te houden. Vliegbewegingen tot 300 meter hoogte zouden de gebieden aantasten.

Aircraft Owners and Pilots Association Netherlands en de Koninklijke Nederlandse Vereniging voor Luchtvaart gingen tegen de beperkingen in hoger beroep. Volgens hen was de minister niet bevoegd om deze beperkingen op te leggen.

De Raad van State oordeelt woensdag dat het hoger beroep ongegrond is. Daarmee moeten vliegtuigen - drones en zweefvliegtuigen uitgezonderd - op minimaal 300 meter hoogte boven de gebieden blijven vliegen.