Het DNA-onderzoek dat is uitgevoerd in de cold case die om de dood van de 84-jarige Miet van Bommel draait, heeft nog geen resultaten opgeleverd. Dat heeft de politie woensdag bekendgemaakt.

De weduwe werd in 1992 in haar woning in het Noord-Brabantse Bladel dood aangetroffen door de wijkverpleegkundige. Ze was seksueel misbruikt en met grof geweld om het leven gebracht.

De politie heeft een DNA-spoor op haar nachthemd veiliggesteld en met nieuwe technieken kon dat opgewaardeerd worden.

Op basis van tips zijn zestien personen benaderd voor het vrijwillig afstaan van DNA, wat ze toestonden. Dit heeft echter niets opgeleverd, zo zegt de politie. Ook een vergelijking in de landelijke DNA-databank zorgde niet voor een match.

"We zijn op dit moment nog actief in de weer met DNA en forensisch onderzoek in deze zaak. Op de details daarvan kunnen we niet verder inzoomen", aldus de politie.

'Miet werd slachtoffer omdat ze weerloos was'

De agenten denken dat de dader het niet per se had gemunt op een bejaarde, maar dat Van Bommel slachtoffer is geworden omdat ze weerloos was. Ze was slechtziend en een van haar benen was geamputeerd.

"We houden er rekening mee dat de dader weinig of geen seksuele ervaring had. Waarschijnlijk had hij weinig zelfvertrouwen en durfde hij geen contact te maken met meisjes en vrouwen van zijn leeftijd", zo schetst de politie. Er was geen sprake van een beroving.

De politie houdt daarom ook rekening met een jonge dader, die nu dus tussen de 42 en 49 jaar oud zou moeten zijn. "We willen met iedereen spreken die een vermoeden heeft wie de dader kan zijn."