De 56-jarige Bart B. die wordt verdacht van de moord op zijn partner Miranda Zitman, zegt dat hij de vrouw in hun huis in Soest onderaan de trap heeft gevonden en dat haar dood een ongeluk was. Hij sneed daarop haar lichaam in stukken en verborg de lichaamsdelen onder meer in de tuin van hun woning.

"Ik heb fout gehandeld", verklaarde de man maandag op een inleidende zitting. Het Openbaar Ministerie (OM) vindt het verhaal van B. ongeloofwaardig en denkt dat de man de vrouw al dan niet met voorbedachten rade heeft omgebracht.

"De man heeft veel verschillende verklaringen afgelegd en beroept zich op essentiële punten op zijn zwijgrecht", aldus de officier van justitie. "Zo weten we nog steeds niet wat er is gebeurd en dat is niet uit te leggen aan de nabestaanden."

De advocaat van de man, René van Stralen, zegt dat zijn cliënt juist meewerkt aan verhoor en zeker geen wisselende verklaringen aflegt.

De 56-jarige B. meldde zich in april bij de politie met het verhaal dat hij achter de verdwijning van Miranda Zitman (52) zat. De vrouw werd sinds 20 januari vermist.

Benen van vrouw nog steeds niet gevonden

Politiemedewerkers zijn daarop gaan zoeken in de tuin van de woning van het stel in Soest waar ze lichaamsresten van de vrouw in vuilniszakken vonden. Na DNA-onderzoek bleek ook dat de romp die in januari in een koffer langs de Zuider IJdijk in Amsterdam werd gevonden van de vrouw was.

Ondanks een intensieve zoektocht door duikers op de plek waar de romp is gevonden, zijn de benen van de vrouw nog niet gevonden. B. stopte deze in twee hockeytassen en dumpte die in het water.

De man zal rond oktober ter observatie worden opgenomen in het Pieter Baan Centrum (PBC). De eerstvolgende inleidende zitting is op 21 oktober.