De betrokken instanties bij de stalkingszaak met dodelijke afloop in Mijdrecht hadden hun afzonderlijke informatie beter met elkaar moeten delen, blijkt maandag uit een gezamenlijke evaluatie.

Desondanks concluderen politie, het Openbaar Ministerie, de gemeente Ronde Venen en het meldpunt voor huiselijk geweld Veilig Thuis dat het drama niet voorkomen had kunnen worden en dat zij naar eer en geweten gehandeld hebben.

De zaak draait om een 54-jarige man die op 2 april van dit jaar "vrijwel zeker" een 45-jarige vrouw doodschoot in Mijdrecht. Een dag later pleegde de schutter zelfmoord. Zijn lichaam werd gevonden in een berm in Wilnis, dat op een steenworp afstand van Mijdrecht ligt. Beide dorpen behoren tot de Utrechtse gemeente Ronde Venen.

Uit een reconstructie van de politie blijkt dat de vrouw tussen juni en september vorig jaar meerdere keren melding deed van stalking door de man. Eind augustus deed zij hier aangifte van, waarop de politie afspraken met de man maakte. De gemeente en Veilig Thuis raakten vanaf dat moment betrokken bij de hulpverlening.

In februari van dit jaar sprak de rechter de man echter vrij omdat er onvoldoende bewijs was. Het straat- en contactverbod, die waren opgelegd door Justitie, kwamen met de uitspraak van de rechter te vervallen.

Risicofactoren hadden eerder zichtbaar kunnen zijn

Volgens de evaluatie hadden de risicofactoren eerder zichtbaar kunnen worden als de betrokken instanties informatie beter met elkaar hadden gedeeld. Ook had de veiligheidsinschatting in de loop van de zaak bijgesteld kunnen worden.

Daarnaast had het samenbrengen van informatie voor "een completer beeld" kunnen zorgen. Er zou dan ook ingezet kunnen worden op een persoonsgerichte aanpak van de verdachte en niet alleen op hulpverlening aan het slachtoffer. Volgens het rapport zijn dit "leerpunten".

Denk jij aan zelfmoord? Je bent niet alleen. Neem contact op met 113 Zelfmoordpreventie via www.113.nl of bel naar 0900-0113.