De Hoge Raad heeft vrijdag geoordeeld dat de Nederlandse Staat aansprakelijk is voor de gebeurtenissen na de val van de Bosnische enclave Srebrenica in 1995, maar wel in mindere mate dan het hof eerder oordeelde.

Het hof besloot eerder dat de nabestaanden 30 procent van de geleden schade konden claimen; dat is nu teruggebracht naar 10 procent.

Over de hoogte van het schadebedrag dat geclaimd kan worden, is nog niets bekend. Omdat de 'Moeders van Srebrenica' mogelijk nog de gang naar een Europese rechter maken, valt hier nog niets over te zeggen.

De zaak draait om de dood van 350 moslimjongens en -mannen die op de VN-compound in Srebrenica waren achtergebleven na de grootschalige 'evacuaties' door Bosnisch-Servische eenheden onder leiding van generaal Ratko Mladic.

Kabinet aanvaardt uitspraak Hoge Raad

Het kabinet heeft vrijdagmiddag bekendgemaakt de uitspraak van de Hoge Raad te aanvaarden. "Het is goed dat er nu duidelijkheid is gekomen", aldus minister Ank Bijleveld-Schouten van Defensie.

Volgens Bijleveld wordt de komende tijd gekeken hoe uitvoering kan worden gegeven aan de aansprakelijkheid voor de geleden schade.

Het kabinet laat weten wel te willen benadrukken dat de militairen van Dutchbat in bijzonder moeilijke omstandigheden verkeerden en dat het belangrijk is om "goed voor ogen te houden wie de schuldigen zijn aan de genocide van Srebrenica: dat zijn de toenmalige Bosnisch-Servische strijdkrachten".

Hoge Raad schat overlevingskans in op 10 procent

Het wordt de Nederlandse blauwhelmen van Dutchbat aangerekend dat ze hebben meegewerkt aan de overlevering van deze meer dan driehonderd overgebleven personen, omdat zij niet alles hebben gedaan om hen verborgen te houden voor de Bosnische Serviërs.

De Hoge Raad schat in dat de 350 overgebleven mannen 10 procent kans hadden om te overleven, omdat het vrij aannemelijk is dat Mladic ze alsnog zou hebben ontdekt en omgebracht. De nabestaanden kunnen dat percentage van de geleden schade daarom verhalen op de Staat.

De hoogste rechter voegde daaraan toe dat het bijna onmogelijk is om "aan ieders leed recht te doen".

Duizenden moslims probeerden bossen in te vluchten

Duizenden moslims probeerden tijdens de opmars Mladic nog te vluchten via de bossen, maar het overgrote deel van hen is gepakt. Op 11 juli 1995 werd de enclave uiteindelijk ingenomen door de Bosnisch-Servische eenheden.

Dutchbat had volgens de Hoge Raad moeten weten wat er met de mannen zou gebeuren als ze in handen van de eenheden van Mladic vielen. Zo werden hun paspoorten op één hoop gegooid én waren er al berichten over massaexecuties binnengekomen.