Politiechef Erik Akerboom neemt afstand van de berichtgeving dat het korps racistisch en discriminerend zou zijn. Hij reageerde dinsdagavond bij Jinek op de zware kritiek die afgelopen week naar buiten kwam.

Afgelopen weekend stapte politieadviseur Carel Boers op omdat zijn adviezen aan de korpsleiding over misstanden consequent genegeerd zouden zijn.

Volgens Boers, die de afgelopen dertien jaar honderden toptalenten binnen het korps coachte, voelen agenten zich onveilig, gediscrimineerd en seksueel geïntimideerd. Hij stuurde een brandbrief gericht aan Akerboom.

Akerboom herkent de misstanden die zijn aangekaart door de voormalige adviseur, maar benadrukte in het televisieprogramma dat deze problematiek overal in de samenleving plaatsvindt. "Dit gebeurt in het uitgaansleven, op het schoolplein. Dus ook bij de politie. We zijn mensen, en dan gebeuren er dingen die ook in een samenleving plaatsvinden. Als je diversiteit inbrengt, breng je ook spanning."

De korpschef stelt daarnaast dat racisme en discriminatie onacceptabel is binnen de politie. "Aan zichtbare discriminatie en racisme kan je iets doen. Maar er zijn zaken die door de vingers glippen: bijvoorbeeld een grap aan tafel in de kantine."

'Sommige agenten hebben moeite met benoemingen van collega's'

Boers schreef in zijn brandbrief dat hij heeft ervaren dat "eenieder die anders diverser, wijzer, intelligenter, in strategisch denken meer onderlegd, of volwassener is dan de zittende top, door diezelfde top niet geaccepteerd wordt en systematisch, georganiseerd beschadigd wordt".

Volgens Akerboom hebben sommige agenten moeite met benoemingen van collega's en voelen zij zich gepasseerd. Ook benadrukte hij dat in 2018 350 mensen "met een diverse achtergrond" bij het politiekorps zijn gekomen.