Minister Ferd Grapperhaus (Justitie en Veiligheid) vindt het voorstel van Kinderombudsman Margrite Kalverboer, die pleit voor een onafhankelijke commissie die moet gaan onderzoeken onder welke voorwaarden Nederlandse kinderen van IS-aanhangers kunnen terugkeren naar Nederland, “niet realistisch”.

Zeker tweehonderd minderjarigen met een Nederlandse achtergrond verblijven momenteel in Koerdische kampen in het noorden van Syrië. Kalverboer vindt dat Nederland een zorgplicht heeft voor deze kinderen en ziet het als een schending van internationale verdragen over kinderrechten als de regering daaraan voorbijgaat.

De Kinderombudsman stelt voor dat de te vormen commissie drie deskundigen zal bevatten op verschillende terreinen, zoals de ontwikkeling van kinderen, radicalisering of familierecht. Die bekijken vervolgens voor ieder kind individueel wat in zijn of haar belang is.

'Gebied te gevaarlijk voor onderzoek'

Volgens Grapperhaus is het echter onmogelijk dat de commissie haar werk goed kan uitvoeren, omdat voor de duiding van de situatie waarin de kinderen die in vluchtelingenkampen in Noord-Syrië verblijven, nodig is dat naar het gebied wordt afgereisd. Omdat het kabinet geen mensen naar Noord-Syrië zegt te sturen, kan het onderzoek dus ook niet plaatsvinden.

Daarnaast stelt de bewindsman dat het terughalen van de kinderen die daar vastzitten onlosmakelijk gepaard gaat met het terughalen van de ouders. De kwestie is voor de minister ingewikkeld, omdat het scheiden van ouders en kinderen juridisch complex is.

Grapperhaus zei dat hij vooral moet kijken naar de nationale veiligheid die volgens hem in het geding komt als de kinderen worden teruggehaald en de ouders ook terugkeren.

Twee kinderen teruggehaald

Begin deze maand werden twee Nederlandse weeskinderen uit een Koerdisch kamp overgedragen aan hun Nederlandse voogd. Zij verbleven daar "onder erbarmelijke omstandigheden en zonder enige vorm van ouderlijk gezag", meldde het ministerie van Buitenlandse Zaken.

De twee waren de eerste Nederlandse kinderen van uitgereisde jihadisten die werden teruggebracht. Bij de overdracht van de kinderen was een hoge Nederlandse diplomaat aanwezig. Volgens het kabinet is dat niet in tegenspraak met het beleid dat Nederland geen mensen naar het gebied stuurt.