De rechtbank in Lelystad heeft vrijdag straffen van 20 en 25 jaar opgelegd voor de liquidatie van de Iraanse vluchteling Mohammad Reza Kolahi Samadi. De man leefde in Nederland onder de schuilnaam Ali Motamed.

Samadi wordt door Iran verantwoordelijk gehouden voor een dodelijke aanslag in 1981 in dat land met 73 doden tot gevolg. De man werd bij verstek tot de dood veroordeeld. Begin jaren negentig vroeg Samadi asiel aan in Nederland.

Volgens de rechtbank zijn Anouar A. (29) en Moreo M. (36) beiden verantwoordelijk voor "de koelbloedig uitgevoerde moord en er was sprake van nauwe en bewuste samenwerking tussen de twee", aldus de rechter.

M. kreeg een hogere celstraf opgelegd omdat hij al eerder is veroordeeld voor doodslag. Daarnaast moeten de verdachten een schadevergoeding van in totaal bijna 300.000 euro aan de vrouw en de zoon van het slachtoffer betalen.

De schutters zwegen voornamelijk tijdens het hoger beroep, maar zeiden wel onschuldig te zijn. De rechtbank zag echter voldoende bewijs voor betrokkenheid van de mannen, mede op basis van onderlinge communicatie via zogenoemde PGP-telefoons (Pretty Good Privacy).

Sterke aanwijzingen voor betrokkenheid Iran bij moord

De daadwerkelijke reden voor de moord ligt een stuk complexer. Zo werd begin van dit jaar duidelijk dat de AIVD sterke aanwijzingen had dat Iran betrokken was bij de moord op Samadi, maar verder dan dit vermoeden ging het ambtsbericht van de inlichtingendienst niet.

Strafrechtelijk is het achterliggende motief voor de moord op Samadi dan ook nooit vastgesteld. Net zoals dat er geen connectie is gevonden tussen Iran en de vermeende uitvoerders van de moord, en tussen Iran en crimineel Naoufal 'Noffel' F., die een coördinerende rol zou hebben gespeeld.

Het OM sprak vorig jaar augustus de verdenking uit tegen F. die in een aparte rechtszaak terechtstaat voor zijn rol bij de moord op Samadi. De inhoudelijke behandeling van die zaak start op 14 mei.