Eén zwaargewond slachtoffer van de tramaanslag op het 24 Oktoberplein van ruim drie weken geleden ligt nog altijd in het ziekenhuis, zo schrijft de Utrechtse burgemeester Jan van Zanen donderdag in een brief aan de gemeenteraad. De toestand van het slachtoffer is niet bekendgemaakt.

De verdachte van de aanslag, Gökmen T., heeft toegegeven dat hij op 18 maart het vuur opende in een tram die bij het 24 Oktoberplein reed. Hierbij doodde hij drie mensen. Een vierde slachtoffer overleed op 28 maart aan zijn verwondingen.

Ook raakten tijdens de aanslag meerdere mensen gewond, van wie drie zwaargewond. Van hen ligt nu dus nog één iemand in het ziekenhuis.

T. wordt verdacht van moord dan wel doodslag met een terroristisch oogmerk, poging daartoe en bedreiging met een terroristisch oogmerk. Het Openbaar Ministerie (OM) maakte eerder bekend dat het onderzoek naar de aanslag waarschijnlijk nog maanden gaat duren.

Gemeente denkt na over permanente herdenkingsplek

Van Zanen schrijft dat de 'nafase' van de tramaanslag is aangebroken en blikt in de brief van donderdag terug op de gebeurtenissen.

"De afgelopen weken zijn van verschillende kanten suggesties gedaan om de slachtoffers op de plek van het schietincident of elders in de stad op passende wijze permanent te herdenken. De gemeente zal deze suggesties zorgvuldig bekijken", aldus de burgemeester.

De wensen van de slachtoffers en nabestaanden zijn daarbij leidend, en op korte termijn is de aandacht gericht op rust en nazorg voor de nabestaanden.

Ook heeft de burgemeester opdracht gegeven tot een zogenoemde leerevaluatie voor de veiligheidsinstanties. Dat onderzoek zal zich richten op het in beeld brengen van uitdagingen, dilemma's en leerpunten.

Thema's daarbij zijn de samenwerking tussen de verschillende betrokken partijen, besluitvorming, communicatie, maatschappelijke impact en de overgang naar de nafase.