Bijna een kwart van alle jongvolwassenen tussen de 18 en 25 jaar in Nederland is te zwaar. Het gaat daarbij zowel om matig als om ernstig overgewicht. Zeven op de tien jongvolwassenen met overgewicht zijn tevreden met hun gewicht, meldt het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) woensdag.

Daarnaast is de groep te zware kinderen en jongeren (2- tot 25-jarigen) met een niet-westerse migratieachtergrond (25,1 procent) bijna twee keer zo groot als die met een westerse (13,9 procent) of Nederlandse achtergrond (13,8 procent).

De afgelopen jaren is de groep te zware kinderen en jongeren steeds iets gegroeid. In 2000 was 12,5 procent van hen te zwaar, inmiddels is het aandeel toegenomen naar zo'n 15,8 procent.

Mensen die ernstig overgewicht hebben, lijden aan morbide obesitas. Dit betekent dat zij direct een hoger risico lopen op ernstige gezondheidsproblemen zoals hart- en vaatziekten, diabetes type 2 en onvruchtbaarheid. Ook kan morbide obesitas psychische klachten veroorzaken.

De mate van overgewicht wordt gemeten met de zogeheten body mass index (BMI), het gewicht in kilo's gedeeld door het kwadraat van de lengte in meters. Bij een volwassene is sprake van matig overgewicht bij een BMI van 25 tot 30. Bij een BMI van 30 of hoger is er sprake van obesitas.