De Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (AIVD) zegt dinsdag dat zowel gedetineerde jihadisten als vrijgelaten (ex-)jihadisten "een belangrijk onderdeel van het dreigingsbeeld" zullen vormen. In Nederland was vorig jaar een toename van het aantal incidenten met een jihadistische, terroristische of radicaalislamitische achtergrond te zien, wordt gesteld in een jaarrapport.

De meeste aandacht binnen de AIVD gaat uit naar jihadistisch terrorisme, zegt de inlichtingendienst. Ondanks het uiteenvallen van het zogeheten kalifaat, blijft IS voor dreiging zorgen.

Zo zijn er "aanzienlijke aantallen" strijders teruggekeerd naar Europa. Eind 2018 waren dat er ongeveer 55, zegt de AIVD. Het gaat hierbij om zowel mannen, vrouwen als kinderen. Eind vorig jaar bevonden zich ook nog eens 135 jihadisten met een Nederlandse achtergrond bij terroristische groepen in Irak en Syrië.

Terugkeerders worden opgepakt en vastgezet, maar volgens de AIVD kan het Nederlandse detentiesysteem tot "ongewenste en onderlinge beïnvloeding" en vorming van nieuwe netwerken leiden. Daarom denkt de inlichtingendienst dat zowel de jihadisten die vastzitten als de jihadisten die zijn vrijgelaten "een belangrijk deel van de dreiging vormen".

'Radicale invloed binnen het onderwijs'

De AIVD onderzoekt ook "in hoeverre" islamitische instellingen geld kunnen krijgen vanuit de Golfstaten, omdat dit gepaard kan gaan met inmenging op "ideologisch vlak".

De inlichtingendienst ziet dat radicaalislamitische "aanjagers" binnendringen in het onderwijs. "Hierbij kan gedacht worden aan naschoolse lessen in Arabisch en de islam." Dit wordt door de inlichtingendienst ogenschijnlijk laagdrempelig en onschuldig genoemd, maar kan belemmerend werken voor de deelname van jongeren aan de maatschappij.

Sinds 2004, toen Theo van Gogh werd vermoord, waren in ons land geen incidenten met extremistische en terroristische jihadisten meer geweest. "Tot afgelopen jaar. In 2018 vond een aantal voorvallen plaats waarbij de dader vermoedelijk vanuit een jihadistisch of radicaalislamitisch motief handelde of wilde handelen."

Rusland vindt Nederland een interessant doelwit

Volgens de AIVD voeren steeds meer landen economische en politieke spionage uit. Daarnaast opereren de landen ook "steeds brutaler" volgens de inlichtingendienst, die de Russische hackpoging bij de organisatie voor het verbod op chemische wapens (OPCW) als voorbeeld noemt.

Daarnaast vinden de Russen Nederland sinds het neerhalen van vlucht MH17 een "interessant doelwit voor spionage". De AIVD schrijft dat Rusland informatie zal proberen in te winnen, zeker nu Nederland het land aansprakelijk heeft gesteld voor deze ramp.

De inlichtingendienst benoemt in het jaarrapport dat Rusland bewust desinformatie "waarmee het onderzoek wordt vertroebeld" over MH17 heeft verspreid. "Wij hebben ook geconstateerd dat vanuit Rusland, met beperkt effect, pogingen zijn gedaan tot online beïnvloeding in het Nederlands op sociale media."