Het aantal mannen en vrouwen in Nederland met een wo- of hbo-diploma is zo goed als gelijk. In totaal heeft bijna een derde van de Nederlanders een hbo- of universitair diploma, blijkt uit nieuwe analyses van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS).

Het percentage mensen met een diploma is de laatste jaren toegenomen. In 2008 was dit nog ruim 25 procent, tien jaar later 31 procent.

Het aandeel 15- tot 75-jarige vrouwen met een hbo- of wo-diploma was in 2018 vrijwel even groot als onder mannen in deze leeftijd.

Onder de jongere generaties is het aandeel hbo- en wo-gediplomeerden onder vrouwen groter dan onder mannen. Zo heeft ruim de helft (52 procent) van de 25- tot 35-jarige vrouwen een hbo- of wo-diploma, onder mannen is dit ongeveer 10 procentpunten lager.

Voor de oudere generaties geldt het omgekeerde. Van de 65- tot 75-jarige mannen heeft 26 procent een hbo- of wo-diploma, onder vrouwen in deze leeftijd is dat bijna 16 procent. Voor de jongste generatie geldt dat veel van hen nog een opleiding volgen en waarschijnlijk nog een diploma zullen behalen.

Nog altijd zijn de vrouwen in de meerderheid op de universiteiten en hogescholen, maar voor beide geslachten neemt het aantal studenten toe. In het academische jaar 2017/2018 volgden 374.000 vrouwen en 357.000 mannen een studie. Tien jaar eerder waren dat er respectievelijk 296.000 en 277.000.

Vrouwen vaak in gezondheidszorg, mannen richting recht en zakelijke dienstverlening

De meest voorkomende richting onder 15- tot 75-jarige vrouwen met een hbo- of wo-diploma is gezondheidszorg en welzijn (ruim 24 procent in 2018). Deze voorkeur is de afgelopen tien jaren weinig veranderd. Het aandeel vrouwen met een opleiding in de richting onderwijs is licht afgenomen.

Bij mannen zijn de opleidingen in de richting recht, administratie, handel en zakelijke dienstverlening het meest voorkomend; ruim 30 procent in 2018. Dit aandeel is de afgelopen jaren licht toegenomen. Daarnaast had bijna 20 procent van de mannen een opleiding in de techniek afgerond.