Voorlopig wordt nog elke dag gecontroleerd of spullen uit de overboord geslagen containers van de MSC Zoe nog aanspoelen op de Nederlandse kust, meldt Rijkswaterstaat maandag. Het voert die controle uit in samenwerking met Duitsland en Denemarken.

Rijkswaterstaat controleert de stranden per auto. Daarnaast wordt de kustlijn ook in de gaten gehouden met helikopters en een vliegtuig van de Kustwacht.

Als blijkt dat opruimacties nodig zijn, worden die opgestart en waar nodig worden vrijwilligers ingezet. "Voor het opruimen van microplastic wordt deskundig advies ingewonnen om zo tot een effectieve methode te komen", aldus Rijkswaterstaat.

Op alle strandovergangen van de Waddeneilanden worden ook containers geplaatst waarin afval kan worden gegooid dat op de stranden aanspoelt. Een week na de containerramp maakte Rijkswaterstaat al bekend de Waddenacademie onderzoek te laten doen naar de ecologische effecten voor de Waddeneilanden op de lange termijn.

In de nacht van 1 op 2 januari verloor de MSC Zoe honderden containers op de Noordzee. Volgens de recentste gegevens zijn er in totaal 342 containers van het schip gevallen. Volgens Rijkswaterstaat zijn er inmiddels 120 onderdelen van de containers geborgen.

Val te vergelijken met val van twaalfde verdieping

Veel van de van het schip gevallen containers zijn stukgevallen op de bodem van de Noordzee. Rijkswaterstaat meldde eerder dat dit niet vreemd is, omdat de val te vergelijken is met een val van de twaalfde verdieping van een flatgebouw.

In de dagen nadat de containers van het schip waren gevallen, spoelden verschillende containers en spullen aan op de Waddeneilanden. Met hulp van vrijwilligers werden de eilanden weer schoongemaakt.