Twintigers blijven steeds langer thuis wonen. In 2017 waren jongeren gemiddeld 23,5 jaar toen ze uit huis gingen, in 2012 was dat nog 22,8 jaar.

De verschuiving was het sterkst onder studenten, meldt het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) dinsdag in het kader van de jaarlijkse Jeugdmonitor.

Studenten gingen in 2016 gemiddeld één jaar later zelfstandig wonen dan in 2012. Werkende jongeren gingen 0,7 jaar later uit huis.

Deze opvallende trend hangt samen met de invoering van het sociaal leenstelsel, constateert het CBS.

Jongeren besluiten later huis te kopen of te trouwen

Veel studenten besluiten langer thuis te blijven wonen, omdat het goedkoper is, meldt een onderzoeker in het NOS Radio 1 Journaal. Voor de hoogte van de studiefinanciering maakt het tegenwoordig niet meer uit of studenten bij ouders wonen of uitwonend zijn.

Een gevolg van deze ontwikkeling is dat veel jongeren besluiten die zij vroeger als twintiger maakten, zoals het kopen van een huis of trouwen, nu pas maken als zij begin dertig zijn, legt de woordvoerder van het CBS uit.

Vrouwen gaan van oudsher vroeger uit huis dan mannen. Dat was ook zo in 2017, al is het verschil met de mannen sinds 2012 kleiner geworden.

ISO: 'Studententijd belangrijk voor ontwikkeling'

Het Interstedelijk Studenten Overleg (ISO), dat studenten in het hoger onderwijs vertegenwoordigt, benadrukt dat de studententijd "ontzettend belangrijk" is voor de ontwikkeling.

"Het is een gemis dat studenten nu tegen hun wil in pas later de stap naar onafhankelijkheid kunnen maken, omdat ze zich nu al zorgen moeten maken om de tijd na hun studie", zegt voorzitter Tom van den Brink.

Wil jij elke ochtend direct weten wat je 's nachts gemist hebt en wat er die dag gaat gebeuren? Abonneer je dan nu op onze Dit wordt het nieuws-nieuwsbrief!