De verdachte van betrokkenheid bij een mislukte liquidatiepoging op Khalid H. in januari 2017 in Utrecht, zegt niet op de hoogte te zijn geweest van de moordplannen.

"Ik ging op een missie, ik wist dat het iets crimineels was, maar niet dat het om een liquidatie ging." Dat betoogde de 26-jarige Jerrel Z. maandag in de extra beveiligde rechtszaal op Schiphol.

De liquidatie mislukte, omdat het doelwit extra op zijn hoede was nadat twee dagen daarvoor Hakim Changachi was doodgeschoten voor zijn flat waar ook H. (41) woonde. Changachi werd voor H. aangezien en bij vergissing vermoord.

Toen H. in de nacht van 13 op 14 januari een Skoda met gedimde lichten achter hem zag rijden, waarschuwde hij de politie. Die kwam ter plaatse waarop de automobilist op de vlucht sloeg.

Verdachten werden na achtervolging aangehouden

Na een achtervolging konden Z. en Marciano D. op de A1 bij Diemen worden aangehouden. Onderweg werden er kalasjnikovs uit de auto gegooid. Ook van deze wapens zou Z. niets hebben geweten. Hij was ingehuurd als chauffeur. "Ik zou gaan racen, ik ben geen moordenaar", aldus Z.

De medeverdachte, D. (27), staat later deze week terecht, samen met twee anderen. D. wordt ook verdacht van betrokkenheid bij de moord op Changachi. Z. heeft daar volgens het OM geen bemoeienis mee gehad. Dinsdag formuleert het OM de strafeis tegen Z.

Ridouan Taghi verdacht van geven opdracht voor moord

Het Openbaar Ministerie (OM) houdt de wereldwijd gezochte Ridouan Taghi en de organisatie om hem heen verantwoordelijk voor de moordpoging op H. en de moord op Changachi.

Die verdenkingen komen voort uit de verklaringen van kroongetuige Nabil B. Die laatste stapte uit berouw over de dood van Changachi naar de politie. B. had een aandeel in de voorbereidingen op de moord van H. die uiteindelijk aan Changachi het leven kostte. B. was goed bevriend met de familie van het slachtoffer.

De kroongetuige heeft verschillende verklaringen afgelegd over zijn eigen rol en die van de opdrachtgevers. Die staan in een apart onderzoek terecht.