Sonarbeelden in de Eemsgeul en de vaargeul boven Terschelling hebben laten zien dat veel overboord gevallen containers niet heel zijn gebleven.

Dat blijkt uit onderzoek van twee bergingsschepen die twee weken geleden zijn begonnen met het bergen van de containers in de Noordzee.

Losse objecten worden dezer dagen naar boven gehaald. Het gaat dan bijvoorbeeld om stukken container, delen van auto's en allerlei afval. Daarbij is ook een onderwaterrobot ingezet. De Eemsgeul en de geul boven Terschelling zijn inmiddels bijna helemaal in kaart gebracht.

Rijkswaterstaat noemt het overigens logisch dat veel containers niet heel zijn gebleven toen ze begin januari van het containerschip MSC Zoë vielen. Die val was vergelijkbaar met een val van de twaalfde verdieping van een flatgebouw.

De berging gebeurt in opdracht van de Zwitserse rederij. Schepen van de berger, Defensie en Rijkswaterstaat brengen de bodem in kaart en speuren naar de containers.

De meeste van de bijna driehonderd containers zijn inmiddels gelokaliseerd. Een deel van de inhoud spoelde aan op de Waddeneilanden maar ook het vasteland van Friesland en Groningen.