Slachthuis Van Hattem in Dodewaard heeft tussen 2012 en 2014 vlees van pony's vermengd met snijresten van rundvlees. Dit is vervolgens verkocht als puur rundvlees, heeft directeur Ben van Hattem (52) maandag in de rechtszaal toegegeven.

De vleeshandelaar die de vleessnippers kocht, had dit niet kunnen weten, aldus Van Hattem. De directeur staat terecht voor fraude.

Slachthuis Van Hattem was begin 2014 het middelpunt van een nieuw paardenvleesschandaal. De ontdekking van goedkoop paardenvlees in rundvleesproducten in Frankrijk leidde uiteindelijk naar de slagerij in het Gelderse dorp Dodewaard.

De directeur legde maandag aan de rechtbank in Den Bosch uit dat in anderhalf jaar tijd ongeveer 550 shetlanders zijn geslacht. De slacht van pony's was een extra service voor de vaste leveranciers van runderen, lammeren en geiten.

De beslissing om ook pony’s te gaan slachten, noemde directeur Van Hattem misschien wel zijn grootste fout ooit. "Ik heb er niet zo op gelet en nooit over nagedacht", vertelde hij. "We hadden dat beter op papier kunnen zetten."

Van Hattem: 'Ging om klein deel van omzet'

Van Hattem benadrukte dat het aandeel paardenvlees in rundvlees minimaal is geweest. "We verwerkten per week 550 runderen, 1.000 schapen en geiten en 5,5 pony's. Het ging om een heel klein deel van de omzet."

De aanklager denkt echter dat Van Hattem, wiens bedrijf door het schandaal eind 2014 failliet ging, vorstelijk heeft geprofiteerd van de fraude. In een aparte procedure eist ze 400.000 euro illegale winst terug.

In de strafzaak staan ook de vleeshandelaar en de eigenaar van een vrieshuis terecht. Vleeshandelaar Hendrik van V. (53) uit Doesburg en directeur Henk G. (50) uit Wijhe zeggen niet te hebben geweten dat Van Hattem pony's verwerkte.

De strafzaak gaat dinsdag verder en dan worden ook de strafeisen van de aanklager verwacht.

Wil jij elke ochtend direct weten wat je 's nachts gemist hebt en wat er die dag gaat gebeuren? Abonneer je dan nu op onze Dit wordt het nieuws-nieuwsbrief!