Het acuut stresssyndroom waaraan Mitch Henriquez mogelijk zou zijn overleden tijdens zijn arrestatie in juni 2015 wordt wederom ter discussie gesteld in het hoger beroep. Dat werd dinsdag bekend tijdens een regiezitting voor het gerechtshof van Den Haag. Twee agenten wordt onder meer dood door schuld verweten.
 

Het Openbaar Ministerie (OM) liet aan het begin van de eerste, nog niet inhoudelijke, zitting in het hoger beroep weten dat ze Wilma Duijst (bijzonder hoogleraar forensische geneeskunde en gezondheidsstrafrecht aan de Maastricht University) een rapport hebben laten opstellen over het acuut stresssyndroom.

Dit rapport zal, als het hof het toelaat, in april tijdens de inhoudelijke behandeling van de zaak worden besproken. Ook werd bekend dat de advocaat van de nabestaanden, Richard Korver, de uitzending van onderzoeksprogramma Argos wil toevoegen aan het dossier.

In deze aflevering van het radioprogramma zeggen drie specialisten en de cardioloog die Henriquez hebben behandeld dat het acuut stresssyndroom waar de 42-jarige Arubaan volgens twee deskundigen aan is overleden, niet bestaat. 

Discussie over toelaten van verzoeken nabestaanden

De verdediging stelt dat er geen wettelijke grondslag is voor het toestaan van verzoeken van nabestaanden. Zij hebben spreekrecht, maar daar moet het volgens de verdediging bij blijven.

De officier van justitie ziet evenmin heil in het toelaten van het programma van Argos, "omdat het hier om meningen van deskundigen gaat die het dossier niet hebben gelezen". "Maar we zijn niet doof voor de discussie en daarom hebben wij door hoogleraar Duijst een rapport laten opstellen." 

Korver wierp op dat de deskundigen in de uitzending van Argos wel degelijk over de medische stukken uit het dossier beschikten.

Korver voegde hieraan toe dat hij het gevoel heeft dat de verdediging de nabestaanden wil "muilkorven". De advocaat wees er nog maar eens op dat zij degenen waren die scherpere beelden van de aanhouding aanleverden. Een van de agenten paste daarop zijn verklaring aan.

Doodsoorzaak speelt een hoofdrol in deze zaak

De doodsoorzaak van Henriquez speelt een hoofdrol in deze zaak. De forensisch patholoog van het NFI Vidija Soerdjbalie, die het lichaam van de Arubaan heeft onderzocht, heeft altijd gezegd dat de man overleed aan zuurstofgebrek als gevolg van samendrukkend geweld op de hals.

Deskundigen Kees Das van de GGD en Daan Botter van het NFI houden het op hartfalen als gevolg van een acuut stresssyndroom. Het lichaam zou tijdens de arrestatie in zo'n staat van opwinding zijn geraakt, dat het hart het niet meer aankon.

Ook forensisch patholoog, Pieter van Driessche, onderschreef deze conclusie. Deze deskundige stelde in opdracht van de advocaten van de agenten een rapport op

De verdediging van de agenten verzocht de drie deskundigen opnieuw te horen, omdat er na hun verklaringen destijds in eerste aanleg, nieuwe informatie is toegevoegd aan het dossier over de doodsoorzaak van Henriquez. Het OM heeft hier geen bezwaar tegen.

Arubaan aangehouden na 'dreigen' met wapen

Henriquez werd op 27 juni 2015 aangehouden in het Zuiderpark tijdens een muziekfestival in Den Haag. Hij riep meermaals dat hij een wapen op zak had en greep daarbij naar zijn kruis. De 42-jarige Arubaan werd na meerdere waarschuwingen aangehouden door in totaal vijf agenten.

De Arubaan verzette zich tegen zijn arrestatie waarop door de politieagenten geweld werd toegepast. In het geval van twee agenten wordt dat verwijtbaar geacht.

Zij werden hiervoor in december vorig jaar veroordeeld tot voorwaardelijke celstraffen van zes maanden voor mishandeling met de dood tot gevolg. Zij zijn tegen deze straf in hoger beroep gegaan, omdat ze vinden dat ze ten onrechte zijn veroordeeld.

Hun advocaten bepleiten dinsdag dat er proportioneel geweld is toegepast en dat het geweld direct werd gestaakt nadat de aanhouding was voltooid.

Agenten om veiligheidsredenen met codenamen aangeduid

De twee agenten worden om veiligheidsredenen aangeduid als DH01 en DH02. DH01 paste de nekklem toe en DH02 had als groepscommandant de leiding over de arrestatie.

Hun anonimiteit is een heikel punt in deze zaak, omdat de nabestaanden erop blijven hameren dat de agenten ten onrechte anoniem mogen blijven. Door het afschermen van de agenten, voelen de nabestaanden zich belemmerd om zelf ook onderzoek naar de agenten te laten doen.

De nabestaanden hebben hier al verschillende rechtszaken over gevoerd, maar tot nu toe is het verzoek tot het opheffen van de anonimiteit altijd afgewezen. De nabestaanden hebben deze vraag wederom aan het hof voorgelegd.

Openbaring namen agenten volgens verdediging gevaar voor veiligheid

De verdediging is pertinent tegen en zegt dat anonimisering nodig is, omdat zijn na bekendmaking van hun namen hun werk niet meer zouden kunnen doen. Daarnaast zou het ook gevolgen kunnen hebben voor de veiligheid van de agenten en hun gezinnen.

Ook het OM noemt het openbaren van de namen van de agenten niet wenselijk, al snappen ze de vraag van de nabestaanden zeer goed. De agenten zouden nog steeds beveiligd worden.

Het hof doet op 5 december uitspraak over alle ingediende verzoeken.