De gemeente Utrecht is niet direct betrokken geweest bij de totstandkoming van het integriteitsrapport over belangenverstrengeling bij de provinciedirecteur met betrekking tot de Uithoflijn. Dat laat een woordvoerder van de gemeente vrijdag aan NU.nl weten.

De gemeente en provincie Utrecht zijn gezamenlijk opdrachtgever van de ontwikkeling van de Uithoflijn, maar de provinciale accountant vroeg het onderzoek naar onregelmatigheden bij de ontwikkeling van de Uithoflijn aan. Dat deed hij na een eerder uitgevoerd onderzoek dat werd ingesteld naar aanleiding van een klokkenluidersmelding in 2017, die later onterecht bleek.

In een publicatie van het NRC eerder deze week stond dat de provincie de ontslagen projectdirecteur van de Uithoflijn een zwijgcontract zou hebben laten tekenen. Naar aanleiding van dat artikel gaf de provincie openheid van zaken en ontkende dat de projectdirecteur een zwijgcontract was opgelegd.

De uitvoering van de ontwikkeling van de Uithoflijn ligt bij bouwbedrijf BAM. De projectdirecteur zou het bouwbedrijf streng hebben toegesproken over de tijdsperiode en het budget van de tramlijn. Vervolgens dreigde BAM met het project te stoppen en werd op provinciaal niveau de projectleider door de interim-directeur op non-actief gesteld.

'Geen aanwijzing dat provinciedirecteur niet onafhankelijk was'

Uit het integriteitsonderzoek bleek dat de interim-directeur op het moment dat hij werd ingehuurd aandelen had bij het bouwbedrijf en dat hij onderdeel was van een bedrijf dat opdrachten voor BAM uitvoerde. Het onderzoeksbureau concludeerde echter dat er "geen aanwijzing is dat de provinciedirecteur niet is gekomen tot onafhankelijke oordeelsvorming in samenhang met het project Uithoflijn". 

De gemeente Utrecht stelde dat het tegelijk met de Provinciale Staten alleen over een samenvatting van het onderzoek beschikte, toen de Gedeputeerde Staten de brief met samenvatting verstuurde.

"Zelfs als we u al gelijktijdig hadden willen informeren, dan was dat niet mogelijk. En dat was ook niet nodig, gezien de inhoud van de brief en het rapport die vooral betrekking hebben op provinciale aangelegenheden en geen gevolgen voor onze samenwerking in het project Uithoflijn", aldus de gemeente.

De Uithoflijn moet in het najaar van 2019 gereed zijn.