Steeds minder ouders en kinderen moeten wegens schoolverzuim voor de rechter verschijnen, blijkt uit cijfers die het AD bij de Raad voor de rechtspraak heeft opgevraagd. Dat komt doordat er meer aandacht is voor de oorzaken van het spijbelgedrag.

In de eerste drie kwartalen van dit jaar werden nog maar 1.930 zaken in de rechtbank behandeld. Vorig jaar waren het er in totaal 3.240, aldus het AD dinsdag. Als het zo doorgaat, komt het aantal zaken eind dit jaar uit op ongeveer 2.600.

De daling komt doordat justitie en leerplicht nu eerst de problemen die het schoolverzuim veroorzaken proberen op te lossen. Volgens de krant ziet het Openbaar Ministerie spijbelen als een symptoom van problemen zowel thuis als op school.

De instanties zouden tot inkeer zijn gekomen omdat het verlenen van zorg in sommige gevallen meer effect heeft dan het opleggen van taakstraffen en boetes of het stopzetten van de kinderbijslag. Bij ernstige gevallen kan de rechter een voorwaardelijke celstraf met proeftijd opleggen.

Het opleggen van straffen wordt nu gezien als laatste optie als leerlingen niet willen meewerken. Hierover zijn vorig jaar maart afspraken gemaakt door de betrokken partijen.

In Nederland geldt de leerplicht voor kinderen van vijf tot zestien jaar. Voor jongeren van zestien tot achttien jaar geldt een kwalificatieplicht. Ouders zijn strafbaar als hun kind zonder geldige reden niet op school is of niet voldoet aan de voorwaarden. Kinderen kunnen zelf vanaf hun twaalfde straffen opgelegd krijgen voor schoolverzuim.

Wil jij elke ochtend direct weten wat je 's nachts gemist hebt en wat er die dag gaat gebeuren? Abonneer je dan nu op onze Dit wordt het nieuws-nieuwsbrief!